ECLI:NL:RBDHA:2023:20016, Rechtbank Den Haag, 19-12-2023, 09-857141-16 — RBDHA:2023:20016
Samenvatting
“In de periode van 27 maart 2015 tot 16 oktober 2015 heeft de verdachte, destijds medewerkster van een zorginstelling, aangifte gedaan en aanvullende meldingen gedaan bij de politie van smadelijke brieven die zij zou hebben ontvangen. Op 29 mei 2015 hebben omwonenden van die zorginstelling brieven ontvangen over ‘misstanden’ (zoals moorden) binnen die zorginstelling, dat de directie daar niets aan doet en dat de bewoners niet goed worden verzorgd. De rechtbank komt tot het oordeel dat het de verdachte zelf is geweest die de aan haar gerichte brieven en de brieven aan de omwonenden heeft geschreven. Zodoende heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het doen van valse aangifte en laster. De rechtbank komt voorts tot bewezenverklaring van verduistering van een fotocamera van een collega. Gelet op de aanzienlijke overschrijding van de redelijke termijn, bepaalt de rechtbank dat geen straf wordt opgelegd. De rechtbank wijst de vordering tot schadevergoeding van de zorginstelling gedeeltelijk toe en legt aan de verdachte de schadevergoedingsmaatregel op.”
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:24379, Rechtbank Den Haag, 18-12-2025, 09-086526-25
Rechtbank Den Haag · Strafrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:17152, Rechtbank Den Haag, 18-09-2025, 09.223002-24
Rechtbank Den Haag · Strafrecht; Materieel Strafrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:16809, Rechtbank Den Haag, 22-08-2025, 09/317608-23 en 09/235968-23 (tul)
Rechtbank Den Haag · Strafrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:9017, Rechtbank Den Haag, 22-05-2025, 09/293985-24
Rechtbank Den Haag · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
19 december 2023
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
09-857141-16
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2023:20016