Juristi.nl
ECLI:NL:RBDHA:2023:4487Bestuursrecht; Belastingrecht

ECLI:NL:RBDHA:2023:4487, Rechtbank Den Haag, 29-03-2023, 22_5751 en 22_6089 — RBDHA:2023:4487

Samenvatting

Het beroep ziet op de vraag of de bedrijfsopvolgingsfaciliteit van artikel 35b van de Successiewet 1956 terecht door verweerder is geweigerd. De rechtbank is van oordeel dat niet aan het voortzettingsvereiste is voldaan en de casus niet vergelijkbaar is met overheidsingrijpen als bedoeld in artikel 10, eerste lid, onderdeel c, van de Uitvoeringsregeling Schenk- en Erfbelasting. Tevens kan het beroep op het gelijkheidsbeginsel niet slagen. Ook is verweerder volgens de rechtbank voor de waarde van de aandelen terecht uitgegaan van de liquidatiewaarde. Beroep ongegrond.

Betrokken advocaten

mr. J.P.P.M. Puts

eiser

Puts Fiscale Advocatuur, EINDHOVEN

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

29 maart 2023

Zaaknummer

22_5751 en 22_6089

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2023:4487

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBDHA:2026:5470
Rechtbank Den Haag·10 maart 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht
RBDHA:2026:4164
Rechtbank Den Haag·19 februari 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht
RBDHA:2026:5199
Rechtbank Den Haag·19 februari 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht
RBDHA:2026:5201
Rechtbank Den Haag·19 februari 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht
RBDHA:2026:3556
Rechtbank Den Haag·10 februari 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht