ECLI:NL:RBDHA:2023:7443, Rechtbank Den Haag, 24-05-2023, NL22.21519 — RBDHA:2023:7443
Samenvatting
De rechtbank is van oordeel dat verweerder voldoende heeft gemotiveerd dat er sprake was van een situatie als bedoeld in artikel 42, vierde lid, aanhef en onder b, van de Vw en dat verweerder met toepassing van deze bepaling bij WBV 2022/22 rechtsgeldig de wettelijke beslistermijn met negen maanden heeft verlengd.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:1265, Rechtbank Den Haag, 27-01-2026, NL25.63518
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:1151, Rechtbank Den Haag, 26-01-2026, NL25.61321
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:1096, Rechtbank Den Haag, 26-01-2026, NL25.57154
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:1152, Rechtbank Den Haag, 26-01-2026, NL25.61324
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
24 mei 2023
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL22.21519
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2023:7443