ECLI:NL:RBDHA:2025:11335, Rechtbank Den Haag, 24-06-2025, C/09/683484 KG ZA 25-323 en C/09/683493 / KG ZA 25-325 — RBDHA:2025:11335
Samenvatting
Kort geding,gevoegde zaken; arbitragebeding;, art 1022c Rv vordering tot opheffing conservatoir bewijsbeslag afgewezen. De vordering tot opheffing van het bewijsbeslag valt onder de reikwijdte van het overeengekomen arbitragebeding. De opheffingsvordering is ook aanhangig in het arbitrale kort geding. Op zichzelf is juist dat in arbitrage geen constitutief opheffingsvonnis kan worden gewezen. De voorzieningenrechter is daarom in zoverre bevoegd. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is voor zo'n opheffing alleen plaats indien aannemelijk is dat eisers onvoldoende gebaat zijn bij de door hen in arbitrage gevorderde voorzieningen en/of wanneer de opheffing zeer spoedeisend is. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is dat hier niet het geval.
Betrokken advocaten
mr. K.M.H. de Roo
eiser
mr. J.C.G. Straatman
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:3372, Gerechtshof Amsterdam, 16-12-2025, 200.361.543
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2024:1967, Gerechtshof Amsterdam, 16-07-2024, 200.339.897/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBAMS:2023:4716, Rechtbank Amsterdam, 26-07-2023, C/13/720388 / HA ZA 22-554
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2022:4487, Rechtbank Den Haag, 04-05-2022, C/09/574329 / HA ZA 19-568
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Ondernemingsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
24 juni 2025
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Civiel Recht; VerbintenissenrechtZaaknummer
C/09/683484 KG ZA 25-323 en C/09/683493 / KG ZA 25-325
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:11335