ECLI:NL:RBDHA:2025:17896, Rechtbank Den Haag, 29-09-2025, NL25.31612 — RBDHA:2025:17896
Samenvatting
De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag niet in stand kan blijven. Dit, omdat verweerder niet deugdelijk heeft gemotiveerd dat eisers asielmotief, vrees voor de bende die hem zou hebben afgeperst en bedreigd, ongeloofwaardig is. De rechtbank is ook van oordeel dat verweerder de door eiser overgelegde documenten in onderlinge samenhang met de verklaringen van eiser en wat bekend is uit openbare bronnen dient te beoordelen. Uit de motivering van het bestreden besluit blijkt onvoldoende dat verweerder een dergelijke beoordeling heeft gemaakt. Het beroep is gegrond en de afwijzing van de asielaanvraag kan niet in stand blijven.
Betrokken advocaten
mr. M.T.M. Hoppema
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:25946, Rechtbank Den Haag, 17-12-2025, NL25.42386
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:23938, Rechtbank Den Haag, 26-11-2025, NL25.32719, NL25.32720
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RVS:2025:5253, Raad van State, 04-11-2025, BRS.25.001335
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:23354, Rechtbank Den Haag, 23-10-2025, NL25.16777 en NL25.36475
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
29 september 2025
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL25.31612
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:17896