Juristi.nl
ECLI:NL:RBDHA:2025:22363Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht

ECLI:NL:RBDHA:2025:22363, Rechtbank Den Haag, 18-11-2025, NL23.17293 — RBDHA:2025:22363

Samenvatting

In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag van eiser. De minister heeft de asielaanvraag van eiser niet in behandeling genomen, omdat Polen verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Naar het oordeel van de rechtbank is de minister ten aanzien van Polen terecht van het interstatelijk vertrouwensbeginsel uitgegaan. Ook de beroepsgrond dat eiser bijzonder kwetsbaar is, slaagt niet. Tot slot is de rechtbank, uitgaande van de terughoudende toetsing, van oordeel dat de minister in redelijkheid heeft kunnen beslissen dat in dit geval geen sprake is van bijzondere individuele omstandigheden op grond waarvan zou moeten worden afgezien van overdracht aan Polen vanwege onevenredige hardheid. Het beroep is ongegrond.

Betrokken advocaten

mr. G. van Reemst

eiser

Oorsprong Advocaten, UTRECHT

mr. J.M. Sidler

eiser

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

18 november 2025

Zaaknummer

NL23.17293

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2025:22363

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Rechter wijst schadevergoeding af voor Ghanese man in vreemdelingenbewaring
Rechtbank Den Haag·8 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Ghanees krijgt geen verblijfsdocument EU/EER: relatie onvoldoende bewezen
Rechtbank Den Haag·8 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Rechter bevestigt bewaring Marokkaanse asielzoeker in grensprocedure
Rechtbank Den Haag·7 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Rechter: minister moet binnen 8 weken beslissen op Syrische asielaanvraag
Rechtbank Den Haag·7 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Rechter dwingt minister tot besluit over asielaanvraag na 21 maanden wachten
Rechtbank Den Haag·7 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht