Juristi.nl
ECLI:NL:RBDHA:2025:23521Civiel Recht

ECLI:NL:RBDHA:2025:23521, Rechtbank Den Haag, 22-10-2025, C/09/685814 / HA ZA 25-447 — RBDHA:2025:23521

Samenvatting

Eiser vordert een verklaring voor recht dat een overeenkomst die hij met gedaagde heeft gesloten nietig is, omdat er volgens eiser sprake is van een geldleningsovereenkomst met woekerrente. De rechtbank is echter van oordeel dat partijen een samenwerkingsovereenkomst zijn aangegaan die meer omvatte dan het verstrekken van een geldlening door gedaagde. Het geldbedrag dat gedaagde heeft ontvangen kwalificeert daarom niet als woekerrente, maar moet als een winstdeling worden aangemerkt. Van strijd met de goede zeden is geen sprake.

Betrokken advocaten

mr. A.C. van der Bent

eiser

Wybenga Advocaten, ROTTERDAM

mr. R.A.M. Schram

eiser

Van Koppen en Jager, VELSEN-NOORD

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

22 oktober 2025

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

C/09/685814 / HA ZA 25-447

Procedure

Bodemzaak

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2025:23521

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Wrakingsverzoek vrouw tegen kantonrechter afgewezen
Rechtbank Den Haag·30 maart 2026
Civiel Recht
Rechter gewraakt na bevooroordeelde brief in huurgeschil
Rechtbank Den Haag·30 maart 2026
Civiel Recht
RBDHA:2026:6402
Rechtbank Den Haag·23 maart 2026
Civiel Recht
RBDHA:2026:7260
Rechtbank Den Haag·19 maart 2026
Civiel Recht
RBDHA:2026:6278
Rechtbank Den Haag·19 maart 2026
Civiel Recht