ECLI:NL:RBDHA:2025:23822, Rechtbank Den Haag, 11-12-2025, NL25.27567 — RBDHA:2025:23822
Samenvatting
Eiser is in Syrië geboren en is van Palestijnse afkomst. Verweerder is van mening dat de uitsluitingsgrond van artikel 1D van het Vluchtelingenverdrag niet van toepassing is. Onder verwijzing naar het ambtsbericht van mei 2025 heeft verweerder zich op het standpunt gesteld dat de laagste gradatie van willekeurig geweld als bedoeld in artikel 15, aanhef en onder c, van de Kwalificatierichtlijn in Syrië aan de orde is en dat eiser er niet in is geslaagd op grond van persoonlijke omstandigheden dan wel andere risico-verhogende omstandigheden aannemelijk te maken dat hij een reëel risico loopt op ernstige schade. De rechtbank volgt verweerder in zijn motivering dat de uitsluitingsgrond van artikel 1D van het Vluchtelingenverdrag niet van toepassing is. De rechtbank vindt echter dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd dat in Syrië op dit moment de laagste gradatie van willekeurig geweld van toepassing is. Het beroep is gegrond.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:1217, Rechtbank Den Haag, 20-01-2026, NL24.27169
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:368, Rechtbank Den Haag, 12-01-2026, NL25.52336
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:367, Rechtbank Den Haag, 12-01-2026, NL25.52330
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:70, Rechtbank Den Haag, 05-01-2026, NL25.20578 en NL25.20579
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
11 december 2025
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL25.27567
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:23822