ECLI:NL:RBDHA:2025:2990, Rechtbank Den Haag, 05-03-2025, C/09/663925 / HA ZA 24-300 — RBDHA:2025:2990
Samenvatting
Bevoegdheidsincidenten. Artikel 7 lid 1 Rv. Eiser start een procedure tegen drie gedaagden, waaronder de Staat. De overige gedaagden hebben woonplaats op Curaçao respectievelijk Breda. De rechtbank is bevoegd om van de vorderingen van partijen kennis te nemen. Gedaagden hebben onvoldoende bewijs geleverd waaruit blijkt dat eiser een kunstmatige vordering tegen de Staat heeft gecreëerd met het enkele doel hen af te trekken van de gerechten van de lidstaat waar zij woonplaats hebben. Bovendien is er voldoende samenhang tussen de vorderingen tegen de verschillende gedaagden, zoals vereist op grond van artikel 7 lid 1 Rv.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHDHA:2025:1150, Gerechtshof Den Haag, 24-06-2025, 200.309.001/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2024:9536, Rechtbank Rotterdam, 25-09-2024, C/10/656665 / HA ZA 23-388
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2024:1594, Gerechtshof Amsterdam, 11-06-2024, 200.295.629/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBAMS:2023:8338, Rechtbank Amsterdam, 22-12-2023, C/13/741274 / KG ZA 23-949
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
5 maart 2025
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Civiel Recht; Burgerlijk ProcesrechtZaaknummer
C/09/663925 / HA ZA 24-300
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:2990