Juristi.nl

ECLI:NL:RBDHA:2025:9705, Rechtbank Den Haag, 04-06-2025, C/09/659934 / HA ZA 24-60 — RBDHA:2025:9705

Samenvatting

Eisers hebben vorderingen tegen de landen ingediend ter hoogte van ongeveer USD 340 miljoen, te verhogen met rente in verband met de levering van bandstof tijdens de ISAF-vredesmissie in Afghanistan. Zij hebben in eerste instantie getracht dit bedrag te innen bij SHAPE en JCFB, maar stuitten daarbij op de functionele immuniteit waarop internationale organisaties een beroep kunnen doen. Het Hof Den Bosch (ECLI:NL:GHSHE:2019:4464) heeft het beroep op immuniteit van SHAPE en JCFB gehonoreerd. Zij heeft geoordeeld dat eisers en JCFB en SHAPE in een escrow-overeenkomst een bindend advies procedure zijn overeengekomen en dat eisers de mogelijkheid hebben om vorderingen in te stellen jegens de individuele landen. Hiermee beschikten eisers volgens het Hof Den Bosch over redelijke alternatieve middelen om de door het EVRM aan haar toegekende rechten effectief te beschermen. Tijdens de mondelinge behandeling in deze procedure hebben eisers gesteld dat zij de route van de escrow-overeenkomst echter niet wil bewandelen, omdat de beslissing over de rechtmatigheid van hun vorderingen dan wordt genomen door een werkgroep van de NAVO. Zij willen dat hun vorderingen worden beoordeeld door een onafhankelijke rechter. De rechtbank is van oordeel dat zij op grond van Brussel I bis dan wel op grond van Rv bevoegd is om van de vorderingen van eisers tegen de landen kennis te nemen. Het beroep op immuniteit door de landen wijst zij af. Zij zal de landen, overeenkomstig hun verzoek, toestaan om tussentijds hoger beroep in te stellen van dit tussenvonnis. Indien de landen tussentijds hoger beroep instellen, heeft de rechtbank het voornemen om de vordering tegen Nederland aan te houden en zal zij eisers en de Nederlandse staat de gelegenheid geven om zich daarover uit te laten.

Betrokken advocaten

mr. H.J.S.M. Langbroek

gedaagde

Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn, 'S-GRAVENHAGE

mr. F.E. Vermeulen

NautaDutilh, AMSTERDAM

mr. A. Rosielle

Dentons Europe, AMSTERDAM

mr. L.J. Böhmer

CMS, AMSTERDAM

mr. G.W. van der Bend

De Brauw Blackstone Westbroek, AMSTERDAM

mr. R.R. Verkerk

Houthoff, ROTTERDAM

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

4 juni 2025

Zaaknummer

C/09/659934 / HA ZA 24-60

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2025:9705

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBDHA:2026:3117
Rechtbank Den Haag·18 februari 2026
Civiel Recht; Internationaal Privaatrecht
RBDHA:2025:15280
Rechtbank Den Haag·13 augustus 2025
Civiel Recht; Internationaal Privaatrecht
RBDHA:2025:7573
Rechtbank Den Haag·30 april 2025
Civiel Recht; Internationaal Privaatrecht
RBDHA:2024:21667
Rechtbank Den Haag·4 december 2024
Civiel Recht; Internationaal Privaatrecht
RBDHA:2024:13614
Rechtbank Den Haag·21 augustus 2024
Civiel Recht; Internationaal Privaatrecht