ECLI:NL:RBDHA:2026:1040, Rechtbank Den Haag, 12-01-2026, C/09/696517 / KG ZA 25-1268 — RBDHA:2026:1040
Samenvatting
Executiegeschil. Eiser woont in de woning die deel uitmaakt van de nalatenschap van moeder. De nalatenschap is onverdeeld gebleven. Bij verstekvonnis is eiser, op vordering van zus veroordeeld tot ontruiming van de woning en tot medewerking aan verkoop en levering van de woning. De door eiser gevorderde schorsing van het verstekvonnis (ontruiming van de woning) wordt afgewezen omdat de belangen van zus bij tenuitvoerlegging van verstekvonnis zwaarder wegen dan de belangen van eiser.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHARL:2025:7191, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 13-11-2025, 200.351.378/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBOBR:2024:1460, Rechtbank Oost-Brabant, 10-04-2024, C/01/399077 / HA ZA 23-763
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht
ECLI:NL:RBOVE:2024:412, Rechtbank Overijssel, 24-01-2024, C/08/305762 / KG ZA 23-254
Rechtbank Overijssel · Civiel Recht
ECLI:NL:RBOBR:2023:5173, Rechtbank Oost-Brabant, 01-11-2023, C/01/395291 / HA ZA 23-473
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
12 januari 2026
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Civiel Recht; VerbintenissenrechtZaaknummer
C/09/696517 / KG ZA 25-1268
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:1040