Juristi.nl

ECLI:NL:RBDHA:2026:5637, Rechtbank Den Haag, 17-02-2026, SGR 25/2749 — RBDHA:2026:5637

Samenvatting

MK. Beroep ongegrond. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder voldoende aannemelijk gemaakt dat geen sprake was van een gezagsverhouding tussen eiser en zijn partner, de werkgever. Eiser heeft ook weinig duidelijkheid kunnen geven over wat zijn werkzaamheden waren vanaf het moment dat hij in loondienst kwamen in hoeverre die werkzaamheden anders waren dan zijn werkzaamheden toen hij eigenaar was van de werkgever. De rechtbank komt tot de conclusie dat voldoende aannemelijk is gemaakt dat sprake is van een gefingeerd dienstverband. Naar het oordeel van de rechtbank zijn er geen redenen om geheel of gedeeltelijk af te zien van de herziening, intrekking en terugvordering.

Betrokken advocaten

mr. A.B.B. Beelaard

eiser

Beelaard Breetveld Advocaten, 'S-GRAVENHAGE

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

17 februari 2026

Zaaknummer

SGR 25/2749

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2026:5637

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBDHA:2026:6419
Rechtbank Den Haag·24 maart 2026
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
RBDHA:2026:6431
Rechtbank Den Haag·23 maart 2026
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
RBDHA:2026:6744
Rechtbank Den Haag·20 maart 2026
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
RBDHA:2026:5839
Rechtbank Den Haag·19 maart 2026
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
RBDHA:2026:5463
Rechtbank Den Haag·18 maart 2026
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht