Minister betaalt proceskosten na te laat beslissen op asielaanvraag — RBDHA:2026:7184
niet tijdig beslissen op asielaanvraag / proceskostenveroordeling
Eiser / verzoeker
asielzoeker (anoniem)
Verweerder / gedaagde
minister van Asiel en Migratie
Beroep niet-ontvankelijk verklaard; minister veroordeeld tot betaling van €467 aan proceskosten.
- Beroep wegens niet tijdig beslissen wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat verweerder alsnog een besluit heeft genomen vóór de uitspraak
- Ondanks niet-ontvankelijkheid is proceskostenveroordeling mogelijk omdat verweerder aan eiser is tegemoetgekomen
- Wegingsfactor 0,5 ('licht') toegepast omdat het beroep uitsluitend zag op het uitblijven van een besluit, niet op de inhoudelijke beoordeling
- Asielaanvraag ingediend oktober 2023; besluit volgde pas maart 2026, ruim twee jaar later
Samenvatting
Een asielzoeker moest bijna twee jaar wachten op een beslissing op zijn asielaanvraag. Hij diende die aanvraag in op 24 oktober 2023, maar de minister van Asiel en Migratie liet lang niets van zich horen. Na ruim anderhalf jaar stilte stapte de man in augustus 2025 naar de rechter wegens het uitblijven van een besluit.
De rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg, hoefde de zaak inhoudelijk niet te beoordelen. Op 5 maart 2026 — nadat het beroep al was ingediend — nam de minister alsnog een besluit op de asielaanvraag. Daarmee was het kernprobleem — het uitblijven van een beslissing — opgelost. Omdat er geen besluit meer ontbrak, had de man geen belang meer bij verdere behandeling van zijn beroep. De rechtbank verklaarde het beroep daarom niet-ontvankelijk.
Toch bleef de vraag over de proceskosten over. Juist omdat de minister pas besliste nadat de asielzoeker naar de rechter was gestapt, oordeelde de rechtbank dat de overheid de kosten van de rechtsbijstand moet vergoeden. De rechtbank paste daarbij een zogenoemde wegingsfactor 'licht' toe, omdat het beroep uitsluitend ging over het niet tijdig nemen van een besluit en niet over de inhoud ervan.
De minister moet de proceskosten van de asielzoeker vergoeden tot een bedrag van €467.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBZWB:2025:8439, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 12-11-2025, C/02/429878 / HA ZA 24-715
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:2218, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 02-04-2025, C/02/432972 / JE RK 25-464
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBZWB:2024:6480, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 17-09-2024, C/02/395242 / FA RK 22-951
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBZWB:2024:6479, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10-09-2024, C/02/400596 / FA RK 22-3696
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
Gegevens
Datum uitspraak
30 maart 2026
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL25.38311
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:7184