Juristi.nl
ECLI:NL:RBGEL:2023:39Bestuursrecht

ECLI:NL:RBGEL:2023:39, Rechtbank Gelderland, 05-01-2023, AWB- 22_3341 — RBGEL:2023:39

Samenvatting

Hoogte compensatie transitievergoeding. Beroep gegrond. Het UWV hanteert een onjuiste uitleg van het begrip ‘verschuldigd’ in Besluit loonbegrip vergoeding aanzegtermijn en transitievergoeding door zich op het standpunt te stellen dat de feitelijke uitbetaling van, in dit geval, provisie leidend is voor de vraag of dit verschuldigd is en moet worden meegenomen in de berekening van de hoogte van de compensatie. Uit de Memorie van Toelichting bij de Wijziging van verschillende wetten in verband met de hervorming van het ontslagrecht en de toelichting bij artikel 7:686a van het Burgerlijk Wetboek volgt, naar het oordeel van de rechtbank dat de wetgever er expliciet rekening mee heeft gehouden dat de (definitieve) hoogte van de transitievergoeding in bepaalde situaties pas na het beëindigen van de arbeidsovereenkomst kan worden vastgesteld (en feitelijk kan worden betaald). Daarmee strookt niet dat bij de toepassing van deze compensatieregeling provisie over een bepaald kwartaal niet wordt meegenomen, enkel vanwege het feit dat deze na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst aan de werknemer is betaald.

Betrokken advocaten

mr. L.T.G. van Engelen

eiser

Advocatenkantoor Van Engelen, WAGENINGEN

mr. P.J. Reith

eiser

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

5 januari 2023

Rechtsgebied

Bestuursrecht

Zaaknummer

AWB- 22_3341

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBGEL:2023:39

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBGEL:2026:2209
Rechtbank Gelderland·20 maart 2026
Bestuursrecht
RBGEL:2026:2225
Rechtbank Gelderland·20 maart 2026
Bestuursrecht
RBGEL:2026:1831
Rechtbank Gelderland·9 maart 2026
Bestuursrecht
RBGEL:2026:1680
Rechtbank Gelderland·6 maart 2026
Bestuursrecht