ECLI:NL:RBGEL:2023:39, Rechtbank Gelderland, 05-01-2023, AWB- 22_3341 — RBGEL:2023:39
Samenvatting
Hoogte compensatie transitievergoeding. Beroep gegrond. Het UWV hanteert een onjuiste uitleg van het begrip ‘verschuldigd’ in Besluit loonbegrip vergoeding aanzegtermijn en transitievergoeding door zich op het standpunt te stellen dat de feitelijke uitbetaling van, in dit geval, provisie leidend is voor de vraag of dit verschuldigd is en moet worden meegenomen in de berekening van de hoogte van de compensatie. Uit de Memorie van Toelichting bij de Wijziging van verschillende wetten in verband met de hervorming van het ontslagrecht en de toelichting bij artikel 7:686a van het Burgerlijk Wetboek volgt, naar het oordeel van de rechtbank dat de wetgever er expliciet rekening mee heeft gehouden dat de (definitieve) hoogte van de transitievergoeding in bepaalde situaties pas na het beëindigen van de arbeidsovereenkomst kan worden vastgesteld (en feitelijk kan worden betaald). Daarmee strookt niet dat bij de toepassing van deze compensatieregeling provisie over een bepaald kwartaal niet wordt meegenomen, enkel vanwege het feit dat deze na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst aan de werknemer is betaald.
Betrokken advocaten
mr. P.J. Reith
eiser
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2025:948, Centrale Raad van Beroep, 11-06-2025, 21/392 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2024:2299, Centrale Raad van Beroep, 04-12-2024, 22/1907 WAJONG
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2024:1033, Centrale Raad van Beroep, 16-07-2024, 23/523 CRTV
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2023:1386, Centrale Raad van Beroep, 13-07-2023, 22/727 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
5 januari 2023
Instantie
Rechtbank GelderlandRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
AWB- 22_3341
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2023:39