Juristi.nl
ECLI:NL:RBLIM:2021:5344Bestuursrecht

ECLI:NL:RBLIM:2021:5344, Rechtbank Limburg, 05-07-2021, ROE 20/1264 — RBLIM:2021:5344

Samenvatting

Trefwoorden: artikel 7.14 van de Waterwet, aanvangsdatum verjaring, bijzondere omstandigheden, gelijkheidsbeginsel. Eiser heeft in december 2018 bij het Waterschap een verzoek om schadevergoeding uit hoofde van nadeelcompensatie in relatie tot een herinrichtingsplan, uitgevoerd in 2005, ingediend. Het Waterschap heeft dat verzoek op grond van verjaring afgewezen. De rechtbank volgt verweerder in diens standpunt dat de schade zich in 2005 heeft geopenbaard en dat de verjaringstermijn toen is begonnen. De rechtbank is verder van oordeel dat het Waterschap in redelijkheid gebruik heeft kunnen maken van zijn bevoegdheid om eiser verjaring tegen te werpen en dat daarbij geen sprake is geweest van schending van het gelijkheidsbeginsel. Het beroep is ongegrond verklaard.

Betrokken advocaten

mr. S.H.C. Nijs

eiser

Waterschap Limburg, ROERMOND

mr. M.H.C. Peters

eiser

mr. B.M.S. Werkman

eiser

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

5 juli 2021

Rechtsgebied

Bestuursrecht

Zaaknummer

ROE 20/1264

Procedure

Bodemzaak

ECLI

ECLI:NL:RBLIM:2021:5344

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBLIM:2026:2967
Rechtbank Limburg·30 maart 2026
Bestuursrecht
RBLIM:2026:2740
Rechtbank Limburg·24 maart 2026
Bestuursrecht
RBLIM:2026:2737
Rechtbank Limburg·24 maart 2026
Bestuursrecht