Juristi.nl
ECLI:NL:RBLIM:2022:333Bestuursrecht

ECLI:NL:RBLIM:2022:333, Rechtbank Limburg, 18-01-2022, ROE 21/1104 — RBLIM:2022:333

Samenvatting

Compensatie transitievergoeding. Aan de orde is de vraag of het recht op compensatie voor een betaalde transitievergoeding aan een langdurig zieke werknemer op € 0,- mag worden vastgesteld in de situatie dat het wettelijk opzegverbod eindigt vóór 1 juli 2015 en de arbeidsovereenkomst is beëindigd na die datum (in dit geval als gevolg van een loonsanctie). De rechtbank heeft geoordeeld dat dit in strijd is met het bepaalde in artikel 7:673e, tweede lid, van het BW. Artikel 7:673e, tweede lid, van het BW dient niet zo uitgelegd te worden als het Uwv dat doet, namelijk dat bepalend zou zijn voor de omvang van de compensatie of de termijn van twee jaar van het opzegverbod verstreken is vóór of na 1 juli 2015. Een dergelijke uitleg zou erop neerkomen dat in een geval als dat van eiseres niet zozeer de hoogte van de compensatie wordt vastgesteld, maar dat een extra verleningsvoorwaarde wordt gesteld. Een redelijke wetsuitleg brengt mee dat als het einde van het reguliere opzegverbod wegens ziekte vóór 1 juli 2015 is gelegen, zoals in dit geval, dit niet in de weg staat aan compensatie van een over de voorafgaande periode opgebouwde transitievergoeding. Beroep gegrond; vernietiging van het bestreden besluit; geen bestuurlijke lus.

Betrokken advocaten

mr. H. Frijlink

eiser

Nysingh advocaten - notarissen, ARNHEM

mr. R.M.C. Bastings-Vangangelt

eiser

mr. L.J.G.G. Reijnen

eiser

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

18 januari 2022

Rechtsgebied

Bestuursrecht

Zaaknummer

ROE 21/1104

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBLIM:2022:333

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBLIM:2026:2740
Rechtbank Limburg·24 mrt 2026
Bestuursrecht
RBLIM:2026:2737
Rechtbank Limburg·24 mrt 2026
Bestuursrecht
RBLIM:2026:2754
Rechtbank Limburg·24 mrt 2026
Bestuursrecht