ECLI:NL:RBLIM:2022:7610, Rechtbank Limburg, 11-03-2022, C/03/298714 /HA RK 21-358 — RBLIM:2022:7610
Samenvatting
Deelgeschil. Aanrijding. Aansprakelijkheid. Het is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar om verweerder thans aan haar aanvankelijke erkenning van aansprakelijkheid te houden. Het subsidiaire beroep op de derogerende werking van de redelijkheid en billijkheid slaagt. Het primaire beroep op vernietiging van de erkenning behoeft geen bespreking meer, mede omdat de rechtbank oordeelt dat het tegenverzoek dat voortbouwt op de gevolgen van de vernietiging, zich niet voor behandeling in dit deelgeschil leent.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2025:8745, Rechtbank Rotterdam, 12-03-2025, C/10/682645 / HA ZA 24-606
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Ondernemingsrecht
ECLI:NL:GHAMS:2025:196, Gerechtshof Amsterdam, 28-01-2025, 200.331.754/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBLIM:2024:10097, Rechtbank Limburg, 11-12-2024, C/03/304780 / HA ZA 22-203
Rechtbank Limburg · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2024:3326, Rechtbank Rotterdam, 03-04-2024, C/10/659343 / HA ZA 23-517
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
11 maart 2022
Instantie
Rechtbank LimburgRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/03/298714 /HA RK 21-358
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2022:7610