ECLI:NL:RBLIM:2024:3131, Rechtbank Limburg, 29-05-2024, C/03/319042 / HA ZA 23-262 — RBLIM:2024:3131
Samenvatting
Civiel recht. Bodemzaak. Schadestaat. De vraag die de rechtbank moet beantwoorden, is welke klachten van eiser door de mishandeling door gedaagde zijn veroorzaakt, tot welke beperkingen die klachten leiden en welke schade eiser als gevolg daarvan lijdt. Diverse verweren verworpen (art. 6 EVRM, beginselen van een goede procesorde, stelplicht en art. 21 Rv.) Bezwaren tegen rapporten van door de rechtbank benoemde deskundigen niet steekhoudend. Geen eigen schuld. Beroep op voordeelstoerekening verworpen. Geen verjaring wettelijke rente. Verweer uitvoerbaarheid bij voorraad slaagt niet.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBAMS:2026:1039, Rechtbank Amsterdam, 03-02-2026, 13-296635-25
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht; Internationaal Strafrecht
ECLI:NL:RBLIM:2026:1195, Rechtbank Limburg, 28-01-2026, 03.072432.24
Rechtbank Limburg · Strafrecht
ECLI:NL:RBLIM:2026:1142, Rechtbank Limburg, 28-01-2026, 03.333301.23, 03.253631.25 (ttz.gev.) en 03.004486.25 (tul)
Rechtbank Limburg · Strafrecht
ECLI:NL:RBLIM:2026:591, Rechtbank Limburg, 21-01-2026, 03.325384.23
Rechtbank Limburg · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
29 mei 2024
Instantie
Rechtbank LimburgRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/03/319042 / HA ZA 23-262
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2024:3131