ECLI:NL:RBLIM:2024:4896, Rechtbank Limburg, 12-06-2024, C/03/319467 / HA ZA 23-279 — RBLIM:2024:4896
Samenvatting
Elkaar pestende buren. Vorderingen immateriële schadevergoeding op grond van artikel 6:106 aanhef en onder b BW ('aantasting in de persoon op andere wijze') over en weer afgewezen: geen aanknopingspunt voor geestelijk letsel, daarnaast liggen, gezien de aard en de ernst van de door partijen gestelde gedragingen van hun buren, de relevante nadelige gevolgen daaran niet zo voor de hand, dat de mogelijkheid van een aantasting in de persoon aannemelijk is. De in reconventie gevorderde schadestaat wordt afgewezen, nu geen feiten en omstandigheden zijn gesteld die de mogelijkheid dat eiseres sub 2 in haar persoon is aangetast aannemelijk maken.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBLIM:2022:8954, Rechtbank Limburg, 09-11-2022, C/03/273099 / HA ZA 20-39
Rechtbank Limburg · Civiel Recht
ECLI:NL:RBLIM:2022:7069, Rechtbank Limburg, 16-09-2022, C/03/309163 / KG ZA 22-346
Rechtbank Limburg · Civiel Recht
ECLI:NL:GHSHE:2022:2749, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 09-08-2022, 200.291.053_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
ECLI:NL:GHSHE:2021:2061, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 06-07-2021, 200.283.954_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
Gegevens
Datum uitspraak
12 juni 2024
Instantie
Rechtbank LimburgRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/03/319467 / HA ZA 23-279
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2024:4896