ECLI:NL:RBLIM:2025:8519, Rechtbank Limburg, 18-06-2025, C/03/318567 / HA ZA 23-246 — RBLIM:2025:8519
Samenvatting
Civiel recht. Bodemzaak. Vervolg op tussenvonnis van 24 april 2024. In het tussenvonnis van 24 april 2024 had de rechtbank aan gedaagden in conventie een bewijsopdracht gegeven. In dit tussenvonnis heeft de rechtbank de bewijsmiddelen gewaardeerd. De rechtbank is van oordeel dat gedaagden in conventie niet geslaagd zijn in de bewijsopdracht. Als gevolg daarvan is ook niet gebleken dat er sprake was van een onherstelbare overtreding van de overeenkomst door eiseres in conventie als bedoeld in artikel 4.1.1. onder a. van de overeenkomst tussen partijen, die de beëindiging respectievelijk opzegging van de overeenkomst rechtvaardigde. De rechtbank oordeelt verder dat gedaagden in conventie in beginsel drie keer een boete uit hoofde van een bijlage bij de overeenkomst verschuldigd zijn. Gedaagden in conventie hebben beroep gedaan op matiging van die boete. Eisers in conventie heeft op dat beroep op matiging nog niet kunnen reageren. De rechtbank stelt eiseres in conventie in de gelegenheid om zich daarover alsnog schriftelijk uit te laten.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHSHE:2025:911, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 01-04-2025, 200.332.009_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHSHE:2024:1705, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 21-05-2024, 200.315.571_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2024:2453, Rechtbank Rotterdam, 26-03-2024, 675932 HA RK 24-256
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
ECLI:NL:RBOBR:2024:379, Rechtbank Oost-Brabant, 31-01-2024, C/01/386052 / HA ZA 22-533
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
18 juni 2025
Instantie
Rechtbank LimburgRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/03/318567 / HA ZA 23-246
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2025:8519