Juristi.nl
ECLI:NL:RBLIM:2025:8654Civiel Recht

ECLI:NL:RBLIM:2025:8654, Rechtbank Limburg, 05-03-2025, C/03/322015 / HA ZA 23-407 en C/03/322017 / HA ZA 23-408 — RBLIM:2025:8654

Samenvatting

322015: Civiel recht. Bodemzaak. Zaak hangt samen met 322017. Gedaagde heeft eiser mishandeld. Eiser stelt daardoor letsel te hebben opgelopen. In verband daarmee heeft eiser gedaagde in rechte betrokken. De goederen van gedaagde staan onder bewind. Eiser had in plaats van gedaagde de bewindvoerder moeten dagvaarden (zoals eiser inmiddels gedaan heeft; zaak 322017). Bij eindvonnis zal eiser niet ontvankelijk verklaard worden in zijn vorderingen. 322017: Civiel recht. Bodemzaak. Zaak hangt samen met zaak 322015. Gedaagde heeft eiser mishandeld. Eiser stelt daardoor letsel te hebben opgelopen. Gedaagde betwist dat er sprake is van een medisch en juridisch causaal verband tussen de mishandeling en de klachten die eiser stelt te ervaren sinds de mishandeling. De rechtbank is voornemens een deskundige te benoemen. Partijen mogen zich over dit voornemen uitlaten.

Betrokken advocaten

mr. J. Faber

eiser

Asselbergs & Klinkhamer Advocaten, ETTEN-LEUR

mr. A.L. van den Bergh

eiser

Tripels Advocaten, MAASTRICHT

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

5 maart 2025

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

C/03/322015 / HA ZA 23-407 en C/03/322017 / HA ZA 23-408

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBLIM:2025:8654

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBLIM:2026:2155
Rechtbank Limburg·18 maart 2026
Civiel Recht
RBLIM:2026:2388
Rechtbank Limburg·18 maart 2026
Civiel Recht
RBLIM:2026:2413
Rechtbank Limburg·18 maart 2026
Civiel Recht
RBLIM:2026:2380
Rechtbank Limburg·18 maart 2026
Civiel Recht
RBLIM:2026:2727
Rechtbank Limburg·11 maart 2026
Civiel Recht