ECLI:NL:RBLIM:2026:1183, Rechtbank Limburg, 04-02-2026, 03.087600.23 — RBLIM:2026:1183
Samenvatting
De verdachte heeft zich gedurende drie maanden, de eerste twee keer als medeplichtige en daarna ook een keer als medepleger, schuldig gemaakt aan opzettelijke brandstichtingen (en een poging daartoe). Het ging hierbij om auto’s die voor de woning van de slachtoffers geparkeerd stonden en de toegangspoort van een kasteel. De rechtbank ziet de verdachte aanvankelijk als voorverkenner, die steeds belangrijker werd bij de organisatie van de brandstichtingen. Hij had een belangrijke rol als voorverkenner en ondersteuner van de uitvoerders door hen de woning aan te wijzen en instructies te geven. De verdachte is voor twee van de tenlastegelegde brandstichtingen vrijgesproken, waarvan één keer omdat de opzet op het gronddelict ontbrak. De rechtbank legt hem een gevangenisstraf op voor de duur van 18 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren en met aftrek van het voorarrest. Daarnaast heeft de rechtbank een beslissing genomen over de gevorderde schadevergoedingen.
Betrokken advocaten
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBZWB:2025:6015, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 09-09-2025, 02-277941-24
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:GHARL:2025:3572, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 11-06-2025, 21-000415-25
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Strafrecht; Strafprocesrecht
ECLI:NL:RBNNE:2025:1986, Rechtbank Noord-Nederland, 22-05-2025, 18-312321-24
Rechtbank Noord-Nederland · Strafrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:7238, Rechtbank Den Haag, 30-04-2025, 09-071299-23
Rechtbank Den Haag · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
4 februari 2026
Instantie
Rechtbank LimburgRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
03.087600.23
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2026:1183