Juristi.nl
ECLI:NL:RBMNE:2025:1386Civiel Recht

ECLI:NL:RBMNE:2025:1386, Rechtbank Midden-Nederland, 02-04-2025, 575625 — RBMNE:2025:1386

Samenvatting

In deze zaak speelt de vraag of A recht heeft op een vergoeding op grond van een samenwerkingsovereenkomst die zij, althans haar rechtsvoorgangster, met B heeft gesloten. A meent van wel omdat inmiddels meer dan duizend taxiverzekeringen zijn afgesloten. Volgens A is het voor haar vergoedingsrecht niet relevant in hoeverre die verzekeringen dankzij haar promotiewerkzaamheden zijn afgesloten. De rechtbank oordeelt dat de door A voorgestane uitleg van de overeenkomst niet kan worden gevolgd. Een redelijke uitleg van de overeenkomst brengt met zich dat A alleen aanspraak kan maken op een vergoeding als zij substantiële (promotie)werkzaamheden zou hebben verricht. A heeft onvoldoende concreet gesteld en onderbouwd dat zij die heeft verricht. De rechtbank wijst de vorderingen van A daarom af.

Betrokken advocaten

mr. P.H. van der Vleuten

eiser

Schyns Advocaten, UTRECHT

mr. R.W.L. Russell

eiser

Russell Advocaten, AMSTERDAM

mr. J.M. Hoekstra

eiser

Russell Advocaten, LEIDEN

mr. A. Romijn

gedaagde

MannaertsAppels Advocaten, BREDA

mr. T.J.M. de Witte

gedaagde

MannaertsAppels Advocaten, BREDA

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

2 april 2025

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

575625

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBMNE:2025:1386

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Huisarts krijgt geen gelijk in ruzie om werkruimtes gedeelde praktijk
Rechtbank Midden-Nederland·1 apr 2026
Civiel Recht
RBMNE:2026:1197
Rechtbank Midden-Nederland·24 mrt 2026
Civiel Recht
RBMNE:2026:1293
Rechtbank Midden-Nederland·20 mrt 2026
Civiel Recht
RBMNE:2026:1281
Rechtbank Midden-Nederland·19 mrt 2026
Civiel Recht
RBMNE:2026:1254
Rechtbank Midden-Nederland·19 mrt 2026
Civiel Recht