ECLI:NL:RBMNE:2025:4767, Rechtbank Midden-Nederland, 04-08-2025, UTR 23/1940 e.a. — RBMNE:2025:4767
Samenvatting
De beroepen van eiser zijn gericht tegen 15 legesaanslagen die op grond van de Legesverordening 2022 aan eisers zijn opgelegd. Over de Legesverordeningen van de gemeente over eerdere belastingjaren zijn al meerdere (hoger) beroepsprocedures gevoerd. In al deze zaken zijn telkens min of meer dezelfde beroepsgronden aangevoerd, waarop de rechtbank en het gerechtshof telkens met min of meer dezelfde bewoordingen de (hoger) beroepen ongegrond hebben verklaard. Eisers hebben niet gemotiveerd betoogd waarom deze eerdere oordelen onjuist zijn. De rechtbank concludeert dat er geen reden is om de Legesverordening 2022 onverbindend te verklaren, omdat de opbrengstlimiet niet wordt niet overschreden en er geen sprake is van strijd met een algemeen rechtsbeginsel.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBMNE:2025:6736, Rechtbank Midden-Nederland, 16-12-2025, UTR_24_3946
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
ECLI:NL:RVS:2025:5017, Raad van State, 22-10-2025, 202504003/4/R4
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:GHARL:2025:3906, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 24-06-2025, 22/1752 t/m 22/1754
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:RBAMS:2024:8870, Rechtbank Amsterdam, 16-12-2024, AMS 22/3908
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
4 augustus 2025
Instantie
Rechtbank Midden-NederlandRechtsgebied
Bestuursrecht; BelastingrechtZaaknummer
UTR 23/1940 e.a.
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2025:4767