Juristi.nl
ECLI:NL:RBMNE:2026:621Strafrecht

ECLI:NL:RBMNE:2026:621, Rechtbank Midden-Nederland, 23-02-2026, 16/230594-25 en 16/220834-25 — RBMNE:2026:621

Samenvatting

Veroordeling tot een gevangenisstraf van 13 maanden met aftrek van het voorarrest wegens poging zware mishandeling en het in vereniging plegen van een straatroof. De rechtbank wijst het voorwaardelijk verzoek tot aanhouding en afsplitsing van de (straatroof)zaak af omdat de advocaat op het moment dat de voorzitter haar vroeg of de behandeling van de zaak direct kon worden voortgezet (nadat de wijziging tenlastelegging is toegestaan) de gelegenheid heeft gehad om aan te geven dat dit niet kon omdat zij zich wenste te beraden op het indienen van eventuele onderzoekswensen. Omdat zij van die gelegenheid geen gebruik heeft gemaakt, is het alsnog bieden van de gelegenheid aan de verdediging om zich alsnog op eventuele onderzoekswensen te beraden onvoldoende reden om de zaak aan te houden. De verdachte wordt hierdoor niet in zijn verdediging geschaad.

Betrokken advocaten

mr. L.C. Folkerts

verdachte

Roozemond (+) De Haan Advocaten, UTRECHT

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

23 februari 2026

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

16/230594-25 en 16/220834-25

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBMNE:2026:621

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken