Juristi.nl
ECLI:NL:RBNHO:2015:11230Civiel Recht

ECLI:NL:RBNHO:2015:11230, Rechtbank Noord-Holland, 18-12-2015, 4534407 AO VERZ 15-297 en 4572849 AO VERZ 15-318 — RBNHO:2015:11230

Samenvatting

De rechtbank Noord-Holland heeft op 18 december 2015 uitspraak gedaan in drie zaken die waren aangespannen door pakketbezorgers van PostNL tegen PostNL. Ten aanzien van twee pakketbezorgers is geoordeeld dat zij een arbeidsovereenkomst hebben met PostNL, bij de derde was dit niet het geval. De kantonrechter heeft in twee zaken geoordeeld dat sprake is van een arbeidsovereenkomst. De beschermingsgedachte van het arbeidsrecht brengt met zich dat in een situatie als de onderhavige, waar sprake is van een maatschappelijk ongelijkwaardige positie en van ongeschoolde, laag betaalde arbeid met een hoog “productiegehalte”, aan de partijbedoeling zoals deze op schrift is gesteld in beginsel minder betekenis toegekend dient te worden. Doorslaggevend is de wijze waarop partijen feitelijk uitvoering hebben gegeven aan de overeenkomst. Gelet op de hoge mate van gedetailleerde instructies die PostNL geeft ten aanzien van de uitvoering van het werk zoals de eisen waaraan de bus dient te voldoen, kleding en schoeisel, de wijze waarop de routes gereden dienen te worden, de controle die hierop wordt uitgeoefend, het feit dat de subcontractor zich niet structureel mag laten vervangen en alleen door vooraf door PostNL goedgekeurde vervangers en tenslotte het feit dat deze subcontractors alleen voor PostNL werken en daardoor in een economisch afhankelijke positie zijn komen te verkeren, ontbreekt het zelfstandig ondernemerschap en acht de kantonrechter alle essentialia van een arbeidsovereenkomst aanwezig. Ten aanzien van een derde subcontractor heeft de rechter geoordeeld dat geen arbeidsovereenkomst aanwezig was. Deze subcontractor was ook voor aanvang van zijn werkzaamheden voor PostNL al als zelfstandige ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en reed structureel meerdere routes die niet door één persoon te bemensen waren. Hij zette dan ook structureel betaalde vervangers in. Deze situatie vertoont meer de kenmerken van zelfstandig ondernemerschap dan van een arbeidsovereenkomst.

Betrokken advocaten

mr. E.D. van Tellingen

verzoeker

Wienen & van Tellingen Advocaten, ALMERE

mr. P. Hufman

verzoeker

Freshfields Bruckhaus Deringer, AMSTERDAM

mr. J.M. van Slooten

verzoeker

Stibbe, AMSTERDAM

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

18 december 2015

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

4534407 AO VERZ 15-297 en 4572849 AO VERZ 15-318

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBNHO:2015:11230

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Rechter verleent minderjarige handlichting voor webshop
Rechtbank Noord-Holland·1 april 2026
Civiel Recht
Rechter verleent 17-jarige handlichting voor melkveehouderij
Rechtbank Noord-Holland·1 april 2026
Civiel Recht
RBNHO:2026:3238
Rechtbank Noord-Holland·25 maart 2026
Civiel Recht
RBNHO:2026:2793
Rechtbank Noord-Holland·13 maart 2026
Civiel Recht
RBNHO:2026:2633
Rechtbank Noord-Holland·11 maart 2026
Civiel Recht