Werknemer internetapotheek ontslag na jarenlang agressief gedrag — RBNHO:2015:7994
ontbinding arbeidsovereenkomst / agressief gedrag werknemer / verstoorde arbeidsverhouding
Eiser / verzoeker
Postpills.com B.V. (werkgever)
Verweerder / gedaagde
werknemer (naam geanonimiseerd)
De arbeidsovereenkomst werd ontbonden wegens verstoorde arbeidsverhouding, waarbij de werknemer een transitievergoeding ontving maar geen billijke vergoeding.
- Ontbinding arbeidsovereenkomst toegewezen op grond van verstoorde arbeidsverhouding (artikel 7:669 lid 3 onderdeel g BW)
- Herhaald agressief en respectloos gedrag van werknemer, gedocumenteerd in meerdere schriftelijke waarschuwingen en interne memo's, werd als voldoende grond aangemerkt
- Geen ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever vastgesteld, waardoor billijke vergoeding werd afgewezen
- Werknemer ontving wel de wettelijke transitievergoeding ondanks het verwijtbare gedrag
- Tegenverzoek werknemer (schadevergoeding wegens mobbing) werd afgewezen
Samenvatting
Een apothekersassistent in dienst bij Postpills.com B.V., een internetapotheek in Zaandam, belandde voor de rechter nadat zijn werkgever de arbeidsovereenkomst wilde laten ontbinden. De werkgever stelde dat de werknemer jarenlang agressief en respectloos gedrag had vertoond tegenover collega's en leidinggevenden, ondanks meerdere schriftelijke waarschuwingen.
Volgens de werkgever ontplofte de werknemer op onvoorspelbare momenten in woedeaanvallen, schreeuwde hij zo hard dat collega's hun telefoongesprekken met klanten moesten onderbreken, en maakte hij denigrerende opmerkingen. De situatie zou zodanig zijn geëscaleerd dat de leidinggevende zelfs huilend het pand verliet en aangaf niet langer deel te willen nemen aan gesprekken met de werknemer.
De feiten waren vastgelegd in interne memo's, beoordelingsverslagen en getuigenverklaringen van collega's. Opvallend was dat de arbeidsovereenkomst bepalingen bevatte in het Duits, waarin stond dat bij agressief gedrag tegenover collega's ontslag op staande voet mogelijk was. In een latere arbeidsovereenkomst uit 2013 erkende de werknemer zelfs schriftelijk dat hij toen al drie geldige waarschuwingen had ontvangen en dat een volgend incident tot onmiddellijk ontslag zou leiden.
De werknemer verweerde zich door te stellen dat hijzelf het slachtoffer was van pesterijen door zijn leidinggevende. Hij beschuldigde de werkgever van structureel mobbing en stelde dat het zijn gedrag niet als verwijtbaar kon worden aangemerkt. Als tegenverzoek vroeg hij om een transitievergoeding of een billijke vergoeding, mocht de rechter toch besluiten de arbeidsovereenkomst te ontbinden.
De kantonrechter oordeelde dat de arbeidsovereenkomst diende te worden ontbonden. Het gedrag van de werknemer, over een langere periode gedocumenteerd in meerdere officiële waarschuwingen en verslagen, leverde voldoende grond op voor ontbinding wegens een verstoorde arbeidsverhouding. De rechter achtte het aannemelijk dat de situatie op de werkvloer door toedoen van de werknemer ernstig was verstoord en dat van de werkgever niet langer kon worden gevergd de arbeidsrelatie voort te zetten.
De vraag of het gedrag ook als ernstig verwijtbaar kon worden gekwalificeerd – wat zou betekenen dat geen enkele vergoeding verschuldigd zou zijn – beantwoordde de rechter genuanceerder. De kantonrechter kende de werknemer de wettelijke transitievergoeding toe, maar wees de billijke vergoeding af. Van ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever was immers geen sprake. De transitievergoeding werd berekend op basis van de dienstjaren van de werknemer bij Postpills.
Het ontbindingsverzoek van de werkgever werd dus grotendeels gehonoreerd, maar de werknemer verliet het bedrijf niet volledig met lege handen. De rechtbank stelde een ontbindingsdatum vast en wees de overige verzoeken van de werknemer, waaronder schadevergoeding wegens vermeend mobbing, af.
Betrokken advocaten
mr. F. van Geuns
verweerder
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2025:1584, Centrale Raad van Beroep, 22-10-2025, 24/1948 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBMNE:2025:2320, Rechtbank Midden-Nederland, 11-04-2025, UTR 24/6907
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:5787, Rechtbank Amsterdam, 04-03-2025, AMS 22/3746
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBMNE:2024:7631, Rechtbank Midden-Nederland, 05-12-2024, UTR 24/6886
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
21 september 2015
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
4349898 / AO VERZ 15-65
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2015:7994