ECLI:NL:RBNHO:2017:5437, Rechtbank Noord-Holland, 29-06-2017, C/15/257205 / JU RK 17-552 — RBNHO:2017:5437
Samenvatting
Vervangende toestemming voor de aanvraag van een reisdocument. Gezag, IPR, artikel 16 van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996. Ingevolge artikel 16 lid 1 HKBV 1996 wordt de vraag wie van rechtswege het gezag heeft over een kind beheerst door het recht van de staat van de gewone verblijfplaats van het kind. De gewone verblijfplaats van het kind wordt vastgesteld ten tijde van zijn geboorte, aangezien dat het moment is dat de ouderlijke verantwoordelijkheid van rechtswege ontstaat. Ingevolge artikel 16 lid 3 HKBV 1996 is het gezamenlijk gezag van de ouders blijven voortbestaan ook na de verhuizing en verplaatsing van de gewone verblijfplaats. Op grond van artikel 16 lid 4 HKBV 1996 zou, in geval van verplaatsing van de gewone verblijfplaats van het kind, het van rechtswege ontstaan van ouderlijke verantwoordelijkheid van een persoon die deze verantwoordelijkheid niet reeds heeft, beheerst worden door het recht van de Staat van de nieuwe gewone verblijfplaats
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBNHO:2022:892, Rechtbank Noord-Holland, 03-02-2022, 15/021700-21
Rechtbank Noord-Holland · Strafrecht; Strafprocesrecht
ECLI:NL:RBNHO:2016:10296, Rechtbank Noord-Holland, 14-12-2016, C/15/246645 / FA RK 16-4533
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBNHO:2016:6690, Rechtbank Noord-Holland, 10-08-2016, C/15/241534 / FA RK 16-2062
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBNHO:2014:6284, Rechtbank Noord-Holland, 17-06-2014, 15/700120-12 (onderzoek 11Drome)
Rechtbank Noord-Holland · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
29 juni 2017
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Civiel Recht; Personen- En FamilierechtZaaknummer
C/15/257205 / JU RK 17-552
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2017:5437