ECLI:NL:RBNHO:2023:6468, Rechtbank Noord-Holland, 23-03-2023, 10137083 — RBNHO:2023:6468
Samenvatting
In deze zaak vordert een werkgever dat voor recht wordt verklaard dat de arbeidsovereenkomst met een werknemer is geëindigd door het aflopen van de bepaalde tijd daarvan. De werknemer heeft als verweer dat op grond van de toepasselijke cao een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan. De kantonrechter geeft de werknemer gelijk. De kantonrechter oordeelt dat in een cao ten gunste van een werknemer mag worden afgeweken van de zogenoemde ‘ketenregeling’ in de wet, zoals in dit geval is gebeurd. De vordering van de werkgever wordt daarom afgewezen en de werkgever wordt veroordeeld tot loonbetaling.
Betrokken advocaten
mr. S. Klomp De
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBNHO:2025:2994, Rechtbank Noord-Holland, 06-03-2025, 11444188 AO VERZ 24-150
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBNHO:2024:5495, Rechtbank Noord-Holland, 06-06-2024, 10918371 \ CV EXPL 24-306
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht
ECLI:NL:CRVB:2023:345, Centrale Raad van Beroep, 23-02-2023, 22 / 1098 AW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBNHO:2022:9903, Rechtbank Noord-Holland, 31-10-2022, 10104406 VV EXPL 22-70
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Arbeidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
23 maart 2023
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Civiel Recht; ArbeidsrechtZaaknummer
10137083
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2023:6468