ECLI:NL:RBNHO:2024:1544, Rechtbank Noord-Holland, 21-02-2024, 337561 — RBNHO:2024:1544
Samenvatting
Geschil over gebruiksrecht van een stuk grond en over een erfdienstbaarheid van weg. De rechtbank is van oordeel dat het gebruiksrecht van de strook grond van de rechtsvoorganger van gedaagden geen kwalitatief recht is en niet op hen is overgegaan. LNH heeft ook niet stilzwijgend ingestemd met overname van de gebruiksovereenkomst. gedaagden moeten de strook grond daarom ontruimen. Dit is naar redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar, omdat hen herhaaldelijk een gebruiksovereenkomst is aangeboden, maar zij er voor kozen die niet te accepteren. De verklaring voor recht ten aanzien van de erfdienstbaarheid waar LNH zich op beroept, wordt grotendeels toegewezen. De tegenvordering wordt daarom afgewezen.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBAMS:2025:9228, Rechtbank Amsterdam, 18-11-2025, 769539
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBNHO:2025:11839, Rechtbank Noord-Holland, 08-10-2025, C/15/359884 / HA ZA 24-687
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:15076, Rechtbank Den Haag, 11-08-2025, C/09/678591 KG ZA 25-35
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2025:12887, Rechtbank Den Haag, 09-07-2025, 11535586
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
21 februari 2024
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Civiel Recht; VerbintenissenrechtZaaknummer
337561
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2024:1544