ECLI:NL:RBNHO:2025:6603, Rechtbank Noord-Holland, 27-05-2025, HAA 23/4068 — RBNHO:2025:6603
Samenvatting
In de aanslag Vennootschapsbelasting (Vpb) 2018 van de moeder van een fiscale eenheid is een bedrag aan bovenmatige deelnemingsrente niet in aftrek heeft toegelaten op grond van artikel 13l Wet Vpb. De rechtbank oordeelt dat de verkrijgingsprijs in de zin van artikel 13l Wet Vpb een autonoom begrip is. Het begrip opgeofferd bedrag, zoals gebruikt in de liquidatieverliesregeling, dient niet als uitgangspunt bij het vaststellen van de verkrijgingsprijs en de (doorschuif)bepalingen van de artikelen 13d en 13i Wet Vpb noch de aandelenfusiefaciliteit van artikel 3.55 Wet IB 2001 zijn daarbij van overeenkomstige toepassing. Deze uitleg van het begrip verkrijgingsprijs komt niet in strijd met de bepalingen of de doelstellingen van de Fusierichtlijn. Aan de voorwaardelijke standpunten van eiseres inzake het buiten toepassing laten van de per-elementbenadering wegens strijd met het rechtszekerheidsbeginsel, komt de rechtbank niet toe. De verkrijgingsprijs bestaat in dit geval uit de tegenprestaties voor de bij aandelenfusie ingebrachte aandelen, waartoe ook agiostortingen behoren. Een uitkering die is gedaan uit de agioreserve is naar het oordeel van de rechtbank aan te merken als terugbetaling van kapitaal en komt in mindering op de verkrijgingsprijs. Het beroep is daarom gegrond. Verder kan er geen deel van de verkrijgingsprijs buiten aanmerking worden gelaten vanwege uitbreiding van de operationele activiteiten. Tot slot is het vertrouwensbeginsel niet geschonden en volgt de rechtbank eiseres niet in haar standpunt dat de belastingrente van 8% wegens strijdigheid met het evenredigheidsbeginsel dient te worden verminderd.
Betrokken advocaten
mr. H.C. Reinoud
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBNHO:2025:6596, Rechtbank Noord-Holland, 27-05-2025, HAA 21/4211
Rechtbank Noord-Holland · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:RBNHO:2024:14221, Rechtbank Noord-Holland, 24-12-2024, HAA 22/3986 t/m 22/3989
Rechtbank Noord-Holland · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:RBNHO:2024:14223, Rechtbank Noord-Holland, 24-12-2024, HAA 22/3990 en 22/3991
Rechtbank Noord-Holland · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:RBNHO:2024:14220, Rechtbank Noord-Holland, 24-12-2024, HAA 22/3992 t/m HAA 22/3995
Rechtbank Noord-Holland · Bestuursrecht; Belastingrecht
Gegevens
Datum uitspraak
27 mei 2025
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Bestuursrecht; BelastingrechtZaaknummer
HAA 23/4068
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2025:6603