ECLI:NL:RBNHO:2025:8591, Rechtbank Noord-Holland, 11-07-2025, HAA 24/307 — RBNHO:2025:8591
Samenvatting
Deze uitspraak gaat over de omgevingsvergunning die aan eiser is verleend voor het bouwen van een bedrijfsloods op zijn perceel. Volgens eiser is zijn aanvraag voor die vergunning onterecht behandeld met de uitgebreide openbare voorbereidingsprocedure (uov), waardoor hij schade heeft geleden. Eiser heeft verzocht om vergoeding van die schade en van schade vanwege overschrijding van de redelijke uitspraaktermijn. Hij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan dat de bedrijfsloods een bijbehorend bouwwerk is, waarvoor de kruimelgevallenregeling toegepast had kunnen worden. Daarnaast doet eiser een beroep op het vertrouwensbeginsel. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het college terecht de uov heeft gevolgd en het vertrouwensbeginsel hier niet aan in de weg stond. Eiser krijgt in zoverre geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Het verzoek van eiser om materiële schadevergoeding wijst de rechtbank daarom af. Het verzoek om schadevergoeding op grond van artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM), vanwege de overschrijding van de redelijke uitspraaktermijn, wijst de rechtbank toe. Het college en de Staat dienen deze vergoeding naar hun aandeel in de overschrijding te vergoeden.
Betrokken advocaten
B. van Yperen-Leek
eiser
Gerelateerde uitspraken
Gegevens
Datum uitspraak
11 juli 2025
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Bestuursrecht; OmgevingsrechtZaaknummer
HAA 24/307
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2025:8591