ECLI:NL:RBNHO:2026:1864, Rechtbank Noord-Holland, 04-03-2026, C/15/366514 — RBNHO:2026:1864
Samenvatting
Partijen zijn buren. De leveringsakten van hun woningen bevatten elk een kwalitatieve verplichting. Daarin staat dat de koper moet dulden dat een deel van de overgedragen grond wordt gebruikt als voetpad voor alle aan het pad gelegen percelen. Het perceel van gedaagden is zo ingericht dat gebruik van een gedeelte als voetpad niet mogelijk is. Eiser vindt dat gedaagden de kwalitatieve verplichting moeten nakomen en vordert dat zij veroordeeld worden het pad weer begaanbaar en toegankelijk te maken. Voor het geval het beroep op nakoming niet slaagt, doet eiser ook een beroep op onrechtmatige daad. De rechtbank wijst de vorderingen van eiser af. Eiser kan gedaagden niet aanspreken tot nakoming van de kwalitatieve verplichting en hij heeft onvoldoende onderbouwd dat gedaagden onrechtmatig tegen hem handelen.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:1125, Gerechtshof Amsterdam, 29-04-2025, 200.336.709/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBLIM:2025:1962, Rechtbank Limburg, 26-02-2025, 11324357 \ CV EXPL 24-4911
Rechtbank Limburg · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2024:16304, Rechtbank Den Haag, 02-10-2024, C/09/672052 / KG ZA 24-822
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:GHSHE:2024:2021, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 20-06-2024, 200.341.432_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Insolventierecht
Gegevens
Datum uitspraak
4 maart 2026
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Civiel Recht; VerbintenissenrechtZaaknummer
C/15/366514
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2026:1864