Juristi.nl
ECLI:NL:RBNHO:2026:2735Bestuursrecht

ECLI:NL:RBNHO:2026:2735, Rechtbank Noord-Holland, 12-03-2026, 24/4535 — RBNHO:2026:2735

Samenvatting

Deze einduitspraak volgt op de tussenuitspraak van 11 juni 2025. In de tussenuitspraak heeft de rechtbank overwogen dat de beroepsgronden van eisers voor zover die zien op de wijze van terinzagelegging van het ontwerpbesluit en op de door hen gestelde privaatrechtelijke belemmering bij het bouwplan, niet kunnen leiden tot een gegrond beroep. Ten aanzien van de door eisers gestelde nadelige gevolgen van de nieuwbouwwoning voor de bezonning op hun perceel is de rechtbank tot het oordeel gekomen dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd dat hiervan geen sprake is. De rechtbank heeft daarom aanleiding gezien om het college door middel van een bestuurlijke lus op grond van artikel 8:51a van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid te geven om dit gebrek te herstellen. In de einduitspraak komt de rechtbank tot het oordeel dat het college het motiveringsgebrek met een bezonningstudie heeft hersteld. Het bestreden besluit wordt, gelet op hetgeen is overwogen in de tussenuitspraak, vernietigd maar de rechtbank bepaalt dat de rechtgevolgen van het bestreden besluit in stand blijven.

Betrokken advocaten

mr. V. van Toledo

eiser

mr. K.A. Luehof

eiser

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

12 maart 2026

Rechtsgebied

Bestuursrecht

Zaaknummer

24/4535

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBNHO:2026:2735

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBNHO:2026:3279
Rechtbank Noord-Holland·25 mrt 2026
Bestuursrecht
RBNHO:2026:2942
Rechtbank Noord-Holland·24 mrt 2026
Bestuursrecht
RBNHO:2026:2781
Rechtbank Noord-Holland·19 mrt 2026
Bestuursrecht