Rechter geeft incassobedrijf kans om consumentendossier te onderbouwen — RBNHO:2026:3277
incasso consumentenvordering / ambtshalve toetsing precontractuele informatieplichten en oneerlijke bedingen
Eiser / verzoeker
[eiser] B.V.
Verweerder / gedaagde
[gedaagde] (consument, niet verschenen)
De kantonrechter houdt iedere beslissing aan en geeft de eisende partij de gelegenheid bij akte nadere informatie te verstrekken over de totstandkoming van de overeenkomst en de precontractuele informatieplichten.
- Kantonrechter toetst ambtshalve of aan precontractuele informatieplichten jegens consument is voldaan, ook bij verstek
- Rentebeding dat hoger is dan de wettelijke handelsrente is vermoedelijk oneerlijk en dreigt te worden vernietigd
- Incassokostenbeding zonder maximum en zonder vereiste veertiendagenbrief is eveneens vermoedelijk oneerlijk
- Producties zonder toelichting zijn onvoldoende: stellingen kunnen niet worden vervangen door ongedifferentieerde stukken
- Eisende partij krijgt eenmalig de gelegenheid de vordering alsnog te onderbouwen; bij niet-voldoen kan de vordering worden afgewezen
Samenvatting
Een bedrijf dat via een incassobureau een consument dagvaardde voor een schuld van ruim drieduizend euro, loopt bij de kantonrechter in Zaanstad tegen een kritische beoordeling aan. De gedaagde verscheen niet voor de rechter, maar dat betekent niet dat de vordering automatisch wordt toegewezen. De kantonrechter toetst bij consumentenzaken namelijk ambtshalve — dus uit eigen beweging — of aan alle wettelijke regels is voldaan.
Het eerste probleem is dat de eisende partij niet heeft uitgelegd hoe de overeenkomst met de consument tot stand is gekomen. De wet stelt strenge eisen aan de informatie die een handelaar aan een consument moet geven vóór en bij het sluiten van een contract. Of het nu gaat om een online aankoop, een verkoop aan de deur of een aankoop in een winkel: telkens gelden andere regels. De kantonrechter kan nu niet beoordelen of aan die regels is voldaan, omdat de eisende partij dit simpelweg niet heeft toegelicht. Producties bij de dagvaarding zijn wel ingediend, maar zonder uitleg welke stukken relevant zijn en waarom — en dat is onvoldoende. De rechter geeft aan dat dit in toekomstige zaken direct tot afwijzing van de vordering kan leiden.
Het tweede probleem betreft de algemene voorwaarden van het bedrijf. Daarin staat een rentebeding dat een hogere rente toestaat dan de wettelijke handelsrente. Dat is volgens de rechter vermoedelijk oneerlijk ten opzichte van de consument. Europese regels verplichten rechters om oneerlijke bedingen in consumentencontracten te vernietigen, ook als de consument zelf geen verweer voert.
Daarnaast bevat het beding over incassokosten meerdere problematische elementen. Ten eerste is er geen maximum aan de kosten gesteld, wat betekent dat de consument theoretisch onbeperkt aansprakelijk zou zijn voor incassokosten. Ten tweede stelt het beding dat incassokosten verschuldigd zijn zodra de consument in verzuim is, terwijl de wet vereist dat de schuldenaar eerst een zogeheten veertiendagenbrief ontvangt — een aanmaning met veertien dagen respijt — voordat incassokosten in rekening mogen worden gebracht. Om al deze redenen acht de rechter ook dit beding vermoedelijk oneerlijk.
De kantonrechter geeft het bedrijf eenmalig de gelegenheid om bij akte — een schriftelijke verklaring aan de rechter — te verduidelijken hoe de overeenkomst tot stand is gekomen en hoe destijds is voldaan aan de informatieplichten. Tegelijk mag het bedrijf reageren op het voorlopige oordeel over de oneerlijke bedingen. De zaak is doorverwezen naar een volgende zittingsdatum, waarbij iedere verdere beslissing is aangehouden. Als de eisende partij niet adequaat reageert, kan de rechter de vordering alsnog afwijzen.
Betrokken advocaten
Te-Recht Gerechtsdeurwaarders & Incasso B.V.
eiser
Gegevens
Datum uitspraak
26 maart 2026
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Civiel Recht; VerbintenissenrechtZaaknummer
11950952 \ CV EXPL 25-3267
Procedure
Tussenuitspraak
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2026:3277