ECLI:NL:RBNNE:2019:3156, Rechtbank Noord-Nederland, 01-07-2019, LEE 17/2217 — RBNNE:2019:3156
Samenvatting
AW. De rechtbank is bij de beoordeling uitgegaan van de door verweerder aangeleverde vertaalde stukken. Van strijd met het recht op een eerlijk proces als bedoeld in artikel 6 van het EVRM is geen sprake. De rechtbank heeft de R&O-beoordeling en de besluitvorming zorgvuldig geacht. De rechtbank is van oordeel dat verweerder de beoordeling van eiseres op de als onvoldoende beoordeelde competenties communicatie en samenwerken met concrete voorbeelden en e-mails van collega’s heeft onderbouwd. Marginaal toetsend is geconcludeerd dat de beoordeling 'onvoldoende' op voldoende gronden berust. Het bestreden besluit van verweerder kan de terughoudende toets doorstaan. Het is beroep is ongegrond.
Betrokken advocaten
mr. F.M. Oldenhuis
eiser
H. de Poel
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2024:13445, Rechtbank Den Haag, 22-08-2024, 24.20230
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:5029, Rechtbank Den Haag, 10-04-2024, 24.1460
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:4232, Rechtbank Den Haag, 27-03-2024, NL23.37198
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:2938, Rechtbank Den Haag, 06-03-2024, 23.40449
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
1 juli 2019
Instantie
Rechtbank Noord-NederlandRechtsgebied
Bestuursrecht; AmbtenarenrechtZaaknummer
LEE 17/2217
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2019:3156