ECLI:NL:RBNNE:2025:4662, Rechtbank Noord-Nederland, 30-10-2025, LEE25/1126 — RBNNE:2025:4662
Samenvatting
Deze zaak gaat over de hoogte van de toegekende vergoeding voor immateriële schade als gevolg van mijnbouw. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het Instituut de methode juist heeft toegepast en dat er ook geen sprake is van schending van het gelijkheidsbeginsel. Daarom is het beroep ongegrond.
Betrokken advocaten
mr. R.L. Gritter
eiser
mr. L. Sijbrandij-Leyten
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:1687, Raad van State, 25-03-2026, 202501758/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2026:1689, Raad van State, 25-03-2026, 202503679/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
Rechtbank wijst claim immateriële schadevergoeding aardbevingsschade af
Rechtbank Noord-Nederland · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBNNE:2025:3763, Rechtbank Noord-Nederland, 03-09-2025, 24/2927
Rechtbank Noord-Nederland · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
30 oktober 2025
Instantie
Rechtbank Noord-NederlandRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
LEE25/1126
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2025:4662