ECLI:NL:RBNNE:2026:109, Rechtbank Noord-Nederland, 20-01-2026, LEE 25/1245 — RBNNE:2026:109
Samenvatting
Weigering Alcoholwetvergunning voor uitoefenen online slijtersbedrijf in Emmen De burgemeester heeft de vergunning geweigerd, omdat volgens hem geen sprake is van de uitoefening van een slijtersbedrijf in een inrichting als bedoeld in de Alcoholwet. Volgens de burgemeester is voor de online verkoop van sterke drank een winkel met baliefunctie nodig en die heeft eiseres niet. Eiseres is het niet eens met de afwijzing van de aanvraag. De rechtbank is van oordeel dat het ontbreken van een fysieke winkel met een baliefunctie geen reden is om de Alcoholvergunning te weigeren. Het uitoefenen van het slijtersbedrijf bestaat uit het bedrijfsmatig of anders dan om niet aan particulieren verstrekken van sterke drank voor gebruik elders dan ter plaatse. Dit is zo gedefinieerd in artikel 1 van de Alcoholwet. Anders dan de burgemeester, is de rechtbank van oordeel dat daarvan in dit geval sprake is. Eiseres wil bedrijfsmatig sterke drank verkopen aan particulieren. De verkoop vindt plaats via een (afzonderlijke) website. De voorraad bevindt zich op [adres] en wordt aan de klanten geleverd door een vervoersbedrijf dat wordt ingeschakeld door eiseres. Deze activiteit voldoet naar het oordeel van de rechtbank aan de definitie van het uitoefenen van het slijtersbedrijf als bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet. De rechtbank volgt de uitleg van de Alcoholwet door de burgemeester niet. Bij de uitleg van de wet is de tekst en systematiek van de wettelijke bepaling leidend en kan verder betekenis toekomen aan de bedoeling van de wetgever. Die bedoeling kan blijken uit de wetsgeschiedenis. Uit de tekst, de systematiek en de geschiedenis van de Alcoholwet blijkt naar het oordeel van de rechtbank niet dat bij ‘verstrekken’ van sterke drank altijd sprake moet zijn van een fysieke handeling waarbij in een winkel moet worden afgerekend. De rechtbank acht daarbij allereerst de betekenis van ‘verstrekken’ in het normale spraakgebruik van belang. Volgens het Van Dale Groot Woordenboek der Nederlandse Taal betekent verstrekken (onder meer) ‘uitreiken aan’ maar ook ‘verschaffen’. Een lening, een subsidie of gegevens kunnen ook verstrekt worden. De rechtbank leidt hieruit af dat ‘verstrekken’ in het normale spraakgebruik niet altijd een fysieke handeling inhoudt. De rechtbank acht verder de wetsgeschiedenis van belang. Uit de Memorie van Toelichting van de Alcoholwet blijkt dat de wetgever de verkoper ziet als de ‘verstrekker’. Dat kan ook een webshop zijn. Wat die ‘verstrekker’ doet, is ‘verstrekken’ als bedoeld in de definitiebepaling van het begrip ‘slijtersbedrijf’. Op geen enkele plek in de wetsgeschiedenis van (thans) de Alcoholwet is hieraan de verplichting verbonden om te beschikken over een fysieke winkel met een baliefunctie. Hieruit volgt naar het oordeel van de rechtbank dat onder het begrip ‘verstrekken’ thans moet worden verstaan dat de alcoholhoudende drank, door de verstrekker, al dan niet door middel van een tussenpersoon zoals een bezorger, aan de klant ter hand wordt gesteld. Wat eiseres wil doen met haar webwinkel is het verstrekken van sterke drank in de zin van de Alcoholwet. Naar het oordeel van de rechtbank kan (een deel van) een afsluitbare loods, van waaruit de bestelling van de klant uit de voorraad van de verkoper kan worden overhandigd aan de bezorgdienst, zoals eiseres ook beoogt te doen, ook onder de definitie van een ‘slijtlokaliteit’ vallen. Uit de wettekst valt verder op te maken dat het nodig is om een inrichting te hebben. De rechtbank is van oordeel dat eiseres aan die eis voldoet. De besloten ruimte vormt een wezenlijk element van de bedrijfsactiviteiten van eiseres als (online) slijterij. Er is daarmee naar het oordeel van de rechtbank sprake van een ‘inrichting’ in de zin van de Alcoholwet. De rechtbank concludeert dat de burgemeester de vergunning niet heeft mogen weigeren, omdat eiseres geen fysieke winkel met baliefunctie heeft. Er is geen strijd met artikel 7, tweede lid, van de Alcoholwet. Ook is geen sprake van een situatie als bedoeld in artikel 19, eerste lid, van de Alcoholwet. De aanvraag van eiseres kan daarom niet onder verwijzing naar deze grondslagen worden geweigerd op grond van artikel 27. Dat heeft de burgemeester in het bestreden besluit niet onderkend. Het beroep is gegrond. Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens een onjuiste uitleg door de burgemeester van de Alcoholwet. De burgemeester wordt opgedragen om een nieuw besluit op het bezwaar van eiseres te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Betrokken advocaten
mr. N. Dimitroff
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBNNE:2025:5776, Rechtbank Noord-Nederland, 22-12-2025, LEE 25/4517
Rechtbank Noord-Nederland · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBNNE:2025:5087, Rechtbank Noord-Nederland, 12-12-2025, 24/1697
Rechtbank Noord-Nederland · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
ECLI:NL:RBNNE:2025:3975, Rechtbank Noord-Nederland, 26-09-2025, 24/2938
Rechtbank Noord-Nederland · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBNNE:2025:2189, Rechtbank Noord-Nederland, 02-06-2025, 23/4385
Rechtbank Noord-Nederland · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
20 januari 2026
Instantie
Rechtbank Noord-NederlandRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
LEE 25/1245
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2026:109