ECLI:NL:RBOBR:2019:1838, Rechtbank Oost-Brabant, 25-02-2019, 01/997551-16 — RBOBR:2019:1838
Samenvatting
Veroordeling voor: feit 2: medeplegen van valsheid in geschrift, begaan door een rechtspersoon, terwijl hij feitelijk leiding heeft gegeven aan de verboden gedraging, meermalen gepleegd; feit 3: verduistering, gepleegd door hem die het goed uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking onder zich heeft. Vrijspraak voor kort gezegd niet-ambtelijke corruptie. Geen sprake van een strafrechtelijke omkoping, artikel 328ter Wetboek van Strafrecht. Opgelegd wordt een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden en aan het benadeelde bedrijf dient schade te worden vergoed EUR 118.108,-.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBOBR:2025:3118, Rechtbank Oost-Brabant, 03-06-2025, 82/123994-22
Rechtbank Oost-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBOBR:2025:3122, Rechtbank Oost-Brabant, 03-06-2025, 82/269294-23
Rechtbank Oost-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBOBR:2024:3691, Rechtbank Oost-Brabant, 12-08-2024, 01.047062.24
Rechtbank Oost-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBOBR:2024:3332, Rechtbank Oost-Brabant, 15-07-2024, 01/104372-24
Rechtbank Oost-Brabant · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
25 februari 2019
Instantie
Rechtbank Oost-BrabantRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
01/997551-16
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2019:1838