ECLI:NL:RBOBR:2022:4912, Rechtbank Oost-Brabant, 09-11-2022, C/01/379415 / HA ZA 22-92 — RBOBR:2022:4912
Samenvatting
Vordering uit vier geldleningsovereenkomsten. Drie geldleningsovereenkomsten zijn op schrift gesteld en ondertekend. Gedaagden betwisten de ondertekening. Gedaagden hebben aan eiseres betalingen per bankoverschrijving gedaan ter hoogte van de termijnen als genoemd in de schriftelijke geldleningsovereenkomsten en met vermeldingen die duiden op periodieke aflossingen. Gedaagden betwisten de leningen en stellen dat er sprake was van een door eiseres opgezette witwasconstructie van zwarte inkomsten van eiseres. Op basis van de gedane betalingen wordt vermoed dat er sprake is van de geldleningsovereenkomsten. Gedaagden worden in staat gesteld tegenbewijs te leveren. In mindering op de vierde, mondelinge, geldleningsovereenkomst zijn geen betalingen gedaan. Eiseres heeft deze betwiste geldlening onvoldoende onderbouwd en bovendien ter zitting verklaard dat het geen lening is. Aldus onvoldoende gesteld en daarom geen gelegenheid voor bewijslevering.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBOBR:2026:2000, Rechtbank Oost-Brabant, 26-03-2026, C/01/417806 / EX RK 25-105
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht
ECLI:NL:RBOBR:2026:1698, Rechtbank Oost-Brabant, 18-03-2026, C/01/417245 / HA ZA 25-453
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht
ECLI:NL:RBOBR:2026:1285, Rechtbank Oost-Brabant, 04-03-2026, C/01/420747 / HA ZA 25-666
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht
ECLI:NL:RBOBR:2026:1844, Rechtbank Oost-Brabant, 02-03-2026, C/01/418290 / EX RK 25-113
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
9 november 2022
Instantie
Rechtbank Oost-BrabantRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/01/379415 / HA ZA 22-92
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2022:4912