ECLI:NL:RBOBR:2023:3197, Rechtbank Oost-Brabant, 30-06-2023, 21/2217 — RBOBR:2023:3197
Samenvatting
Het beroep van eiseres tegen de loonsanctie is ongegrond. Eiseres is bij de re-integratie van haar werknemer afgegaan op adviezen van haar bedrijfsarts en arbodienst. Deze adviezen waren echter niet eenduidig. Eiseres had moeten betwijfelen dat haar veronderstelling dat zij eerst een mediationtraject kon doorlopen en pas daarna een traject in spoor 2 hoefde in te zetten juist was. Dat rechtbanken in andere uitspraken over loonsancties de “voor rekening en risico” benadering hebben genuanceerd, kan eiseres daarom niet baten.
Betrokken advocaten
mr. B.N. van Driel
eiser
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBNHO:2025:7194, Rechtbank Noord-Holland, 30-06-2025, 11011795 \ CV EXPL 24-662
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:3029, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 19-05-2025, 10741269 OV VERZ 23-7650
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Ondernemingsrecht
ECLI:NL:GHSHE:2024:381, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 08-02-2024, 200.321.277_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBZWB:2024:807, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 08-02-2024, AWB-22_5953
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
30 juni 2023
Instantie
Rechtbank Oost-BrabantRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
21/2217
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2023:3197