ECLI:NL:RBOBR:2023:600, Rechtbank Oost-Brabant, 15-02-2023, C/01/369260 / HA ZA 21-224 — RBOBR:2023:600
Samenvatting
Verzekeringsfraude. Aan gedaagde zijn bedragen ten onrechte uitgekeerd. Gedaagde heeft zijn inlichtingenplicht (artikel 7:941 lid 2 BW) geschonden. Op grond van artikel 7:941 lid 5 BW is het recht op uitkering vervallen. De verzekeraar heeft niet onrechtmatig gehandeld door een persoonlijk onderzoek - een observatie - te verrichten. De verzekeraar wordt in de gelegenheid gesteld een akte te nemen over de hoogte van het door gedaagde (terug) te betalen bedrag.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:1510, Gerechtshof Amsterdam, 10-06-2025, 200.341.646/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHSHE:2025:406, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 18-02-2025, 200.333.566_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHSHE:2024:1518, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 30-04-2024, 200.321.743_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBROT:2024:3106, Rechtbank Rotterdam, 03-04-2024, C/10/660960 / HA ZA 23-554
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
15 februari 2023
Instantie
Rechtbank Oost-BrabantRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/01/369260 / HA ZA 21-224
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2023:600