Juristi.nl
ECLI:NL:RBOBR:2024:1016Civiel Recht

ECLI:NL:RBOBR:2024:1016, Rechtbank Oost-Brabant, 06-03-2024, C/01/382642 / HA ZA 22-322 — RBOBR:2024:1016

Samenvatting

De moeder van partijen is na het overlijden van de vader van partijen rechthebbende geworden van alle goederen van zijn nalatenschap. Partijen (de drie kinderen van vader en moeder) kregen een vordering op moeder ter grootte van hun erfdeel. Na het overlijden van moeder is discussie ontstaan over de erfrechtelijke aanspraken van ieder van partijen in de nalatenschap van hun moeder. Twee kinderen stellen dat in de nalatenschap van hun moeder hun legitieme is geschonden. Een kind is het daar niet mee eens. Volgens dit kind is de nalatenschap van moeder negatief en dient het na aftrek van preferente schulden resterende bedrag verdeeld te worden tussen partijen naar de verhouding van hun afzonderlijke vorderingen. Daartoe heeft dit kind zijn vordering in reconventie ingediend. De rechtbank heeft in dit vonnis vastgesteld wat er tot de nalatenschap van moeder behoort en of de legitieme van de twee kinderen is geschonden. En aangezien dat het geval is, wat hun legitieme portie bedraagt. Daarvoor was nodig dat de rechtbank zich boog over een aantal (rechts)handelingen die in het verleden hadden plaatsgevonden. En diende de vraag beantwoord te worden of sommige van die handelingen zijn aan te merken zijn als giften die meetellen bij de berekening van de legitieme portie en zo ja, tot welk bedrag

Betrokken advocaten

mr. K.M.J. Wartena

eiser

Bouwman Advocaten, VEGHEL

mr. P.J.L. Tacx

eiser

Sumrin Advocaten, SOMEREN

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

6 maart 2024

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

C/01/382642 / HA ZA 22-322

Procedure

Bodemzaak

ECLI

ECLI:NL:RBOBR:2024:1016

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken