ECLI:NL:RBOBR:2025:8318, Rechtbank Oost-Brabant, 19-12-2025, 01/318106-23 — RBOBR:2025:8318
Samenvatting
Verdachte heeft zich, op 29 oktober 2023 te Liessel, gemeente Deurne, schuldig gemaakt aan overtreding van artikel 6 en artikel 8 van de Wegenverkeerswet 1994. Verdachte heeft op de weg Heitrak in Liessel zo hard gereden, dat hij op enig moment de controle over zijn auto is verloren en met een snelheid van ongeveer 100 km/u, met daarin 3 passagiers, tegen drie bomen is aangereden. Verdachte heeft de ter plaatse geldende maximumsnelheid in ernstige mate overschreden, nu ter plaatse een snelheid van maximaal 80 km/u was toegestaan. Bovendien reed verdachte veel te snel voor de situatie en de (weers)omstandigheden ter plaatse. Daar komt nog bij dat verdachte onder invloed was van alcohol en het alcoholgehalte in zijn bloed, zij het in zeer beperkte mate, hoger was dan was toegestaan voor een beginnend bestuurder. De rechtbank merkt het rijgedrag van verdachte aan als zeer onvoorzichtig, zodat sprake is van schuld in de zin van artikel 6 WVW. De twee slachtoffers die zich op de achterbank van het voertuig bevonden, zijn door dit ongeval om het leven gekomen. De passagier die op de bijrijdersstoel zat, de vriendin van verdachte, heeft hierdoor een gescheurde lever opgelopen, waarvoor zij in vijf dagen in het ziekenhuis heeft gelegen, waarvan 2 dagen op de Intensive Care afdeling. De rechtbank kwalificeert dit letsel als zwaar lichamelijk letsel. Naar het oordeel van de rechtbank is er sprake van eendaadse samenloop van de bewezenverklaarde feiten. De rechtbank past op advies van de reclassering het adolescentenstrafrecht toe, nu zij daartoe grond vindt in de leeftijd en persoonlijke omstandigheden van verdachte ten tijde van het ongeval alsmede de persoonlijkheid en huidige persoonlijke omstandigheden van verdachte zoals ter terechtzitting is gebleken. Alles afwegende legt de rechtbank aan verdachte op een leerstraf voor de duur van 50 uur en een werkstraf voor de duur van 120 uren. Verder legt de rechtbank op een geheel voorwaardelijke jeugddetentie voor de duur van 4 maanden met een proeftijd van 2 jaren. De rechtbank verbindt hieraan de bijzondere voorwaarden, waaronder ambulante behandeling, zoals geformuleerd door de reclassering. Daarnaast legt de rechtbank op een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 3 jaar.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBOBR:2025:7705, Rechtbank Oost-Brabant, 25-11-2025, 01.205054.24
Rechtbank Oost-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBOBR:2025:7542, Rechtbank Oost-Brabant, 18-11-2025, 01.343355.24
Rechtbank Oost-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBOBR:2025:6576, Rechtbank Oost-Brabant, 16-10-2025, 01.072459.24
Rechtbank Oost-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBOBR:2025:5361, Rechtbank Oost-Brabant, 26-08-2025, 01/137037-24
Rechtbank Oost-Brabant · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
19 december 2025
Instantie
Rechtbank Oost-BrabantRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
01/318106-23
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2025:8318