Juristi.nl
ECLI:NL:RBOBR:2026:2013Strafrecht

Man steekt auto's van ex in brand na bedreiging en mishandeling — RBOBR:2026:2013

brandstichting / mishandeling / bedreiging / vernieling

Eiser / verzoeker

Officier van justitie

VS

Verweerder / gedaagde

Verdachte

Verdachte vrijgesproken van diefstal (feit 1), maar veroordeeld voor bedreiging, mishandeling, vernieling en brandstichting (feiten 2-6) tot een gevangenisstraf van 18 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk.

  • Vrijspraak van diefstal van de Fiat omdat wederrechtelijke toe-eigening niet bewezen kon worden: verdachte mocht het voertuig regelmatig gebruiken en er waren geen duidelijke afspraken gemaakt
  • Bedreiging, mishandeling en vernieling in de woning bewezen op basis van samenhangende verklaringen van slachtoffer, dochter en politiewaarnemingen
  • Brandstichting Fiat bewezen via zendmastdata, aanwezigheid verdachte vlakbij, bezit sleutel en eerder geuite bedreigingen over het in brand steken van de auto
  • Medeplegen vernieling Mercedes bewezen via afgeluisterde telefoongesprekken van medeverdachte, zendmastlocatie en internetzoekgedrag medeverdachte
  • Verweer tot bewijsuitsluiting van tapgesprekken verworpen: aanvankelijke fout door verbalisant hersteld en overige tapverslagen niet aangetast

Samenvatting

Een man uit een niet nader genoemde woonplaats stond terecht bij de rechtbank Oost-Brabant voor een reeks gewelddadige feiten gericht tegen zijn ex-partner in Cuijk. Binnen enkele dagen in september 2025 bedreigde hij haar, mishandelde haar in haar eigen woning, vernielde haar spullen en stak twee auto's in brand die zij leasede.

Op 5 september 2025 was de man de woning van de vrouw binnengelopen en had hij zonder haar toestemming de sleutels van haar Fiat meegenomen, waarna de auto was verdwenen. De rechtbank sprak hem vrij van diefstal, omdat niet kon worden bewezen dat hij de auto met de bedoeling had zich die wederrechtelijk toe te eigenen. De man maakte namelijk regelmatig gebruik van het voertuig en er waren geen duidelijke afspraken gemaakt over wanneer hij dat wel of niet mocht.

Twee dagen later, op 7 september 2025, escaleerde de situatie ernstig. De man drong de woning van de vrouw binnen en schreeuwde dreigende woorden: 'ik ga jouw auto in brand steken, en daarna jou' en 'ik steek jou, je huis en de auto in brand'. Daarna gooide hij een salontafel naar haar toe, pakte haar stevig bij de nek, trok haar naar de grond en trapte haar met kracht in de rug terwijl ze op de grond lag. Ook vernielde hij meerdere spullen in de woning, waaronder een televisie en ruiten. De verklaringen van de vrouw en haar dochter, die alles hadden meegemaakt, werden ondersteund door de waarnemingen van de agenten die ter plaatse kwamen: zij zagen de schade in de woning, de krassen op de arm van het slachtoffer en de zichtbare paniek bij zowel moeder als dochter.

Kort na zijn vertrek uit de woning werd de Fiat, geparkeerd op enkele honderden meters afstand, in brand aangetroffen. De brand was van binnenuit het voertuig ontstaan en agenten roken duidelijk brandstof. Uit zendmastgegevens bleek dat de telefoon van de verdachte zich op dat moment in de directe omgeving bevond. De man beschikte ook over de sleutelvan het voertuig.

De dag erna, op 8 september 2025, werd ook de tweede geleaste auto van de vrouw — een Mercedes AMG C 43 — in brand gestoken en uitgebrand aangetroffen in het Brabantse Hank. Het interieur was eerder verwijderd. Uit afgeluisterde telefoongesprekken bleek dat een medeverdachte die avond in de buurt aanwezig was. In een telefoongesprek met zijn moeder vertelde de medeverdachte dat hij het interieur uit een auto had gehaald en dat 'die auto nu ergens in brand staat'. Hij voegde toe: 'vorige week heeft hij die auto van dat wijf in de fik gestoken daar in Cuijk, en nou de andere aangestoken.' Ook had de medeverdachte op internet gezocht op termen als 'wat voor straf voor auto brandstichting'.

De verdediging probeerde de bewijswaarde van de afgeluisterde telefoongesprekken aan te tasten, omdat een verbalisant één gesprek aanvankelijk onjuist had uitgewerkt. De rechtbank verwierp dit verweer: de fout was hersteld in een later proces-verbaal en er was geen reden om te twijfelen aan de overige tapverslagen die door andere verbalisanten waren opgesteld.

De rechtbank achtte de feiten 2 tot en met 6 wettig en overtuigend bewezen: bedreiging, mishandeling, vernieling in de woning, brandstichting van de Fiat en medeplegen van vernieling van de Mercedes. De man werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar.

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

31 maart 2026

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

01/236582/25

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBOBR:2026:2013

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Verdachte schuldig aan drugs en witwassen in Udense woning
Rechtbank Oost-Brabant·2 april 2026
Strafrecht
Eindhovenaar beledigt en bedreigt BOA en krijgt maand cel
Rechtbank Oost-Brabant·2 april 2026
Strafrecht