Juristi.nl
ECLI:NL:RBOBR:2026:2014Strafrecht

Helmondse vrouw veroordeeld voor opslag drugsdepot in eigen woning — RBOBR:2026:2014

Opiumwetdelicten / medeplegen voorhanden hebben verdovende middelen

Eiser / verzoeker

Officier van justitie

VS

Verweerder / gedaagde

Verdachte (vrouw, geboren 1980, wonende te Helmond)

Verdachte veroordeeld wegens medeplegen van opiumwetdelicten tot 15 maanden gevangenisstraf, waarvan 5 maanden voorwaardelijk met 2 jaar proeftijd.

  • Bewoner van een woning wordt geacht wetenschap te hebben van en beschikkingsmacht uit te oefenen over alles wat zich in die woning bevindt, tenzij een aannemelijke verklaring het tegendeel aantoont.
  • De verklaring van de verdachte dat zij niet wist van de drugs en slechts klusspullen liet opslaan, acht de rechtbank ongeloofwaardig gelet op WhatsApp-berichten, haar financiële situatie en de verklaring van de medeverdachte.
  • Het meerijden voor een drugstransactie op 1 november 2022 (350 km, videobellen bij afgifte) wordt als aanvullend bewijs van betrokkenheid aangemerkt.
  • Medeplegen bewezen: verdachte initieerde het ter beschikking stellen van haar woning, drong aan op samenwerking en verschafte een sleutel aan de medeverdachte.
  • Partiële vrijspraak voor heroïne: de rechtbank volgt de officier van justitie in de vrijspraak voor het heroïne-onderdeel van feit 1.

Samenvatting

Een vrouw uit Helmond werd in december 2022 betrapt toen zij zelf de politie belde. Ze stond met haar twee dochters op het balkon, terwijl mannen in haar woning aan het vechten waren. Toen agenten arriveerden, troffen ze een omvangrijke hoeveelheid drugs aan: ruim 8 kilo cocaïne, bijna 6.300 xtc-pillen, meer dan 21 kilo hasj en circa 14 kilo hennep. Ze beweerde niets te weten van de drugs.

De vrouw verklaarde dat een zekere medeverdachte haar zolder had gehuurd om klusspullen op te slaan, waarvoor hij haar vijftig euro of sushi betaalde. De rechtbank geloofde dit verhaal niet. Uit WhatsApp-gesprekken bleek dat de vrouw al vanaf de zomer van 2022 actief op zoek was naar zwart bijverdienen en zelf had aangeboden haar zolder beschikbaar te stellen. Via een contactpersoon werd ze in contact gebracht met de medeverdachte, en ze drong er bij hem herhaaldelijk op aan om 'te beginnen'.

De medeverdachte had een sleutel van de woning gekregen en kwam dagelijks langs, ook 's nachts en buiten haar medeweten. Hij verklaarde bovendien dat ze ieder vijfhonderd euro per week ontvingen voor de opslag van softdrugs. Dat staat in schril contrast met de verklaring van de vrouw over een minimale beloning. De rechtbank wees ook op een incident van 1 november 2022, waarbij de vrouw drie uur en driekwartier rondreed over een afstand van 350 kilometer om namens de medeverdachte een tas af te geven, terwijl ze hem moest videobellen op specifieke momenten. Dat past volgens de rechtbank bij een drugstransactie, niet bij een onschuldige rit.

De rechtbank oordeelde dat de vrouw niet alleen wist dat er drugs in haar huis lagen, maar ook actief meewerkte: ze bood haar woning aan, drong aan op samenwerking en verschafte de sleutel. Daarmee had ze zowel wetenschap als beschikkingsmacht over de verdovende middelen. Van medeplegen was dan ook sprake. Dat de drugs mogelijk zijn binnengebracht terwijl zij sliep, deed daar niets aan af.

De rechtbank veroordeelde de vrouw voor het medeplegen van het voorhanden hebben van cocaïne, xtc, hasj en hennep. Ze kreeg een gevangenisstraf van 15 maanden opgelegd, waarvan 5 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

31 maart 2026

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

01/318863-22

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBOBR:2026:2014

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Verdachte schuldig aan drugs en witwassen in Udense woning
Rechtbank Oost-Brabant·2 april 2026
Strafrecht
Eindhovenaar beledigt en bedreigt BOA en krijgt maand cel
Rechtbank Oost-Brabant·2 april 2026
Strafrecht