ECLI:NL:RBOVE:2024:2713, Rechtbank Overijssel, 21-05-2024, 10657250 CV EXPL 23-2808 — RBOVE:2024:2713
Samenvatting
Eiseres is in 2016 een arbeidsongeval overkomen waarvoor haar werkgever aansprakelijk is. Op verzoek van beide partijen is een onderzoek ingesteld door een psychiater die in zijn eindrapport tot de conclusie komt sprake is van een medische eindsituatie. Partijen verschillen vervolgens van mening over de vraag of de schade van eiseres afgewikkeld dient te worden met een uitkering van een som ineens, zoals eiseres voorstaat, of voor een bepaalde periode waarna een nieuwe psychiatrische expertise dient te worden uitgevoerd, zoals de werkgever wenst. De kantonrechter is van oordeel dat als uitgangspunt heeft te gelden dat de begroting van nog niet ingetreden schade dient te worden begroot op basis van redelijke verwachtingen van toekomstige ontwikkelingen. In de onderhavige situatie is niet gebleken van een situatie op grond waarvan geconcludeerd kan worden dat een begroting van de toekomstige schade in de vorm van een som ineens onvoldoende recht doet aan de (redelijke) belangen van de aansprakelijke partij.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2022:643, Rechtbank Rotterdam, 02-02-2022, C/10/601109 / HA ZA 20-729
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBZWB:2021:4706, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 22-09-2021, C/02/372261 / HA ZA 20-280
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht
ECLI:NL:RBAMS:2021:5301, Rechtbank Amsterdam, 08-09-2021, C/13/684484 / HA ZA 20-553
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2020:2389, Gerechtshof Amsterdam, 01-09-2020, 200.256.032/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
21 mei 2024
Instantie
Rechtbank OverijsselRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
10657250 CV EXPL 23-2808
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2024:2713