ECLI:NL:RBOVE:2025:3232, Rechtbank Overijssel, 21-05-2025, C/08/320979 / HA ZA 24-368 — RBOVE:2025:3232
Samenvatting
UVM stelt dat gedaagden verzekeringsfraude hebben gepleegd. Zij hebben volgens haar honderden kortlopende reisverzekeringen bij haar afgesloten, onder meer voor fictieve verzekeringsnemers, waarvoor zij geen premie hebben betaald en waarop zij valse claims hebben ingediend. Gedaagden hebben volgens UVM verschillende bankrekeningnummers aangevraagd en daarop uitkeringen geïnd. UVM vordert betaling van de onterecht uitgekeerde schadebedragen, onbetaalde premies en onderzoekskosten. Gedaagde 1 voert verweer. Gedaagde 2 is niet verschenen. Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk geworden dat gedaagden de betreffende reisverzekeringen hebben afgesloten met gebruikmaking van door hen geopende bankrekeningen en dat zij hierop ten onrechte de door UVM gestelde schadebedragen hebben ontvangen. De vorderingen van UVM worden daarom toegewezen.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2023:9773, Rechtbank Den Haag, 25-05-2023, C/09/641560 / HA RK 23-36
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RBZWB:2022:7179, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 30-11-2022, C/02/391169 / HA ZA 21-623
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2022:8289, Rechtbank Rotterdam, 30-09-2022, C/10/638423 / HA RK 22-510
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBGEL:2022:3461, Rechtbank Gelderland, 29-06-2022, C/05/394876 / HA ZA 21-540
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
21 mei 2025
Instantie
Rechtbank OverijsselRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/08/320979 / HA ZA 24-368
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2025:3232