ECLI:NL:RBOVE:2025:4412, Rechtbank Overijssel, 04-07-2025, ak_24_3736 (2) — RBOVE:2025:4412
Samenvatting
Deze zaak gaat over een beroep wegens niet tijdig beslissen door de Dienst Toeslagen op een aanvraag om vergoeding van werkelijke schade bij kinderopvangtoeslag. In geschil is welke nadere beslistermijn de Dienst Toeslagen moet krijgen om alsnog op de aanvraag te beslissen. De rechtbank sluit aan bij de uitspraak van de Afdeling van 26 maart 2025 en oordeelt dat sprake is van een bijzonder geval waarin een nadere beslistermijn van 60 weken wordt verleend na de wettelijke beslistermijn, op last van een dwangsom van € 100,- per dag tot een maximum van € 15.000,-.
Betrokken advocaten
mr. J.S.M. Rietveld
eiser
mr. S.L. Mak van Waay
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBZWB:2025:9128, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 22-12-2025, BRE 25/5238
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:24407, Rechtbank Den Haag, 18-12-2025, 25/4349
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBMNE:2025:7411, Rechtbank Midden-Nederland, 05-12-2025, UTR 25/5915
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:7577, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 05-11-2025, BRE 25/3636
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
4 juli 2025
Instantie
Rechtbank OverijsselRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
ak_24_3736 (2)
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2025:4412