Juristi.nl
ECLI:NL:RBOVE:2025:5800Civiel Recht

ECLI:NL:RBOVE:2025:5800, Rechtbank Overijssel, 30-09-2025, 11623060 \ CV EXPL 25-523 — RBOVE:2025:5800

Samenvatting

Partijen hebben een vriendschappelijke relatie met elkaar gehad. In dat kader heeft gedaagde een gedeelte van de woning van eiser gehuurd. De relatie tussen partijen is in februari 2025 verbroken en de huurovereenkomst is per 16 mei 2025 met wederzijds goedvinden beëindigd. Eiser vordert betaling van de achterstallige huur, de op grond van de huurovereenkomst verschuldigde boetes en de door eiser aan gedaagde geleende gelden. Gedaagde heeft hier verweer tegen gevoerd. De kantonrechter oordeelt dat eiser in redelijkheid aanspraak kan maken op betaling van de achterstallige huur over de periode van 1 augustus 2024 tot en met 15 mei 2025 en zij wijst dit deel van de vordering toe. Verder is de kantonrechter van oordeel dat gedaagde zich, waar het gaat om het boetebeding in de huurovereenkomst, niet met (succes) op artikel 6:233 BW kan beroepen. De kantonrechter ziet in dit geval wel aanleiding om de boete te matigen. De vordering tot terugbetaling van de geleende bedragen wordt ook toegewezen, maar de kantonrechter kent eiser bij de proceskostenvergoeding wel een lager salaris gemachtigde en een lagere vergoeding van het door haar betaalde griffierecht toe, omdat voor een deel van het geleende bedrag te vroeg is gedagvaard.

Betrokken advocaten

mr. K.E.M. Wigger

eiser

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

30 september 2025

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

11623060 \ CV EXPL 25-523

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBOVE:2025:5800

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Rechter legt gebiedsverbod en contactverbod op na stalking ex-partner
Rechtbank Overijssel·26 maart 2026
Civiel Recht
RBOVE:2026:1610
Rechtbank Overijssel·25 maart 2026
Civiel Recht
RBOVE:2026:1609
Rechtbank Overijssel·25 maart 2026
Civiel Recht